Beko CDA 565 FW Bedienungsanleitung

Stöbern Sie online oder laden Sie Bedienungsanleitung nach Nein Beko CDA 565 FW herunter. De ISD in perspectief - RePub - Erasmus Universiteit Rotterdam Benutzerhandbuch

  • Herunterladen
  • Zu meinen Handbüchern hinzufügen
  • Drucken
  • Seite
    / 643
  • Inhaltsverzeichnis
  • LESEZEICHEN
  • Bewertet. / 5. Basierend auf Kundenbewertungen
Seitenansicht 0
De ISD in perspectief
a
Seitenansicht 0
1 2 3 4 5 6 ... 642 643

Inhaltsverzeichnis

Seite 1 - De ISD in perspectief

De ISD in perspectief a

Seite 2

INHOUDSOPGAVE X 4.5.3 De Paarse Drugsnota: de opmaat naar gedwongen justitiële opvang van verslaafden 340 4.5.3.1 Het concept van de Werkgroep Stra

Seite 3

HOOFDSTUK 2 86 genormeerd streven naar zorgequivalentie een pragmatisch plafond.355 Bovendien kan worden gesproken van een meer principieel plafond. D

Seite 4

EEN JURIDISCH-DOGMATISCH PERSPECTIEF 87 Naast bovengenoemd tweeledig plafond is een laatste problematisering dat het equivalentiebeginsel zich lasti

Seite 5

HOOFDSTUK 2 88 de detentiesituatie.367 In beginsel, omdat de toepasselijkheid kan worden beperkt door afwijkende bepalingen van (onder meer) de Pbw en

Seite 6 - OORWOORD

EEN JURIDISCH-DOGMATISCH PERSPECTIEF 89 In deze aanbeveling aan de lidstaten brengt de Raad van Europa aldus expliciet het equivalentiebeginsel tot

Seite 7

HOOFDSTUK 2 90 bovendien psychiatrische zorg beschikbaar zijn, welke extra beschikbaarheid voort-vloeit uit het equivalentiebeginsel.378 Ook de instan

Seite 8

EEN JURIDISCH-DOGMATISCH PERSPECTIEF 91 gend kader en inhoudelijk kwaliteitsconcept neer te zetten”, om zodoende te bevor-deren dat de overheid de ‘

Seite 9

HOOFDSTUK 2 92 maakbaarheids- en behandelideaal van de jaren vijftig en zestig plaatsgemaakt voor de – door de onverminderd hoge recidivecijfers ingeg

Seite 10 - NHOUDSOPGAVE

EEN JURIDISCH-DOGMATISCH PERSPECTIEF 93 naarmate het recidiverisico hoger is, de graad en intensiteit van behandeling zullen moeten toenemen. Wat be

Seite 11 - INHOUDSOPGAVE

HOOFDSTUK 2 94 een ruimer perspectief van effectiviteit zou nopen. Op dat (bredere) punt krijgt hij in de literatuur bijval van Boone en Poort, alsook

Seite 12

EEN JURIDISCH-DOGMATISCH PERSPECTIEF 95 daarmee de plaats ingenomen van daadfactoren, zoals de ernst van het gepleegde de-lict. Meer pragmatisch ge

Seite 13

INHOUDSOPGAVE XI 5 De historische ontwikkeling van het sanctiestelsel ter bestrij-ding van recidive en criminele overlast: een jurisprudentieel p

Seite 14

HOOFDSTUK 2 96 overgenomen.407 Fiselier wijst er op zijn beurt op dat het what works-uitgangspunt dat iedere gedetineerde een (multi-modaal) toegesned

Seite 15

EEN JURIDISCH-DOGMATISCH PERSPECTIEF 97 vrijheidsbeperkende straffen enerzijds413 en dat tussen straf en maatregel anderzijds414. Los van alle algem

Seite 16 - OOFDSTUK 1

HOOFDSTUK 2 98 welijks meer van elkaar zijn te onderscheiden, gaat de wetgever daarentegen – bewust – aan dit bezwaar voorbij en zet beide sanctiemoda

Seite 17

EEN JURIDISCH-DOGMATISCH PERSPECTIEF 99 toren die daarop van invloed zijn, alsook van de mate van responsiviteit, wordt een justitiabele getypeerd a

Seite 19

Hoofdstuk 3 De historische ontwikkeling van het strafrechtelijk sanctiestelsel ter bestrij-ding van recidive en criminele overlast: een wettelijk

Seite 20

HOOFDSTUK 3 102 rwi-plaatsing inmiddels niet meer is opgenomen in ons wettelijk sanctiestelsel.2 Dit gegeven maakt het echter niet minder interessant

Seite 21

EEN WETTELIJK PERSPECTIEF 103 Om een en ander tot uitdrukking te brengen in de wet, koos de wetgever voor in-voering van de rwi-plaatsing in de moda

Seite 22

HOOFDSTUK 3 104 Doelgroep De rwi-plaatsing kende een specifieke, door de wet gelimiteerde doelgroep. De straf werd namelijk door de wetgever niet van

Seite 23

EEN WETTELIJK PERSPECTIEF 105 ‘Fahrende Leute’) behooren, van ouds en het best met den algemeenen titel van ‘vagebonden’ kunnen worden bestempeld en

Seite 24

INHOUDSOPGAVE XII 6 De ISD in perspectief 509 6.1 Inleiding 509 6.2 Dwarsverbanden en thematische reflectie 510 6.2.1 Grondslag 510 6.2.1.1 H

Seite 25

HOOFDSTUK 3 106 1° Sr nog wel van toepassing was, tot aan het vervallen van het betreffende delict in 2000.22 Tegen die tijd was overigens de rwi-plaa

Seite 26

EEN WETTELIJK PERSPECTIEF 107 van loon. De werkdagen kenden een gemiddelde duur tussen 6 ¾ uur en 10 ¾ uur. De vrouwen hielden zich voornamelijk bez

Seite 27

HOOFDSTUK 3 108 verstande dat plaatsingen in eene Rijkswerkinrichting als achtereenvolgend worden aangemerkt, indien zij alleen door hechtenis worden

Seite 28 - Blad, a.w. 1996, p. 42

EEN WETTELIJK PERSPECTIEF 109 maanden. Tijdens de behandeling van het ontwerp in de Tweede Kamer bleek dat het niet bij deze aanpassing zou blijven.

Seite 29

HOOFDSTUK 3 110 besproken notie – dat de rwi-plaatsing onvermijdelijk van enige duur diende te zijn om aan haar resocialisatie en -gedragsverbeterings

Seite 30 - Vegt/Van Leeuwen 1928, p. 2

EEN WETTELIJK PERSPECTIEF 111 Een belangrijke plaats in laatstgenoemd artikel werd ingenomen door de constitutieve voorwaarde van de arbeidsgeschikt

Seite 31

HOOFDSTUK 3 112 nimum en maximum van de straf – een zwaardere straf op te leggen naar mate de bedelaar al dan niet een gewoonte maakte van het bedelen

Seite 32 - Pompe, a.w. 1928, p. 6

EEN WETTELIJK PERSPECTIEF 113 “De landlooper doet werkelijk niets waardoor de publieke orde wordt aangerand of dat uit anderen hoofde strafwaardig i

Seite 33

HOOFDSTUK 3 114 wenste deze voorwaarde te schrappen en beargumenteerde dit in de Memorie van Toelichting bij de wijzigingswet als volgt: “In verband

Seite 34

EEN WETTELIJK PERSPECTIEF 115 Binnen het kader van het wetsontwerp ter bestrijding van zedeloosheid had minister van Justitie Regout eenzelfde gedac

Seite 35 - Blad, a.w. 1996, p. 43

INHOUDSOPGAVE XIII 6.3.3 Plaatsbepaling van de ISD: doelstelling 552 6.3.4 Plaatsbepaling van de ISD: doelgroep 553 6.3.5 Plaatsbepaling van de

Seite 36

HOOFDSTUK 3 116 jaar, bedoeld in de vorige zinsnede, aan op den dag van het ontslag uit de rijks-werkinrichting. In tegenstelling tot de wettelijke r

Seite 37

EEN WETTELIJK PERSPECTIEF 117 3.2.4 Huidige stand van zaken: de rwi-plaatsing vervallen De rwi-plaatsing is thans niet meer in ons wettelijk sanct

Seite 38

HOOFDSTUK 3 118 Kamervragen werden gesteld “of het instituut van de rijkswerkinrichting nog zinvol” was en afschaffing van de rwi-plaatsing zelfs herh

Seite 39

EEN WETTELIJK PERSPECTIEF 119 lijk is vervallen.74 Overigens werden het jaar daarop ook de artikelen 432-434 als zo-danig uit de strafwet geschrapt.

Seite 40

HOOFDSTUK 3 120 noemde regeling opgenomen in de artikelen 421-423 Sr (oud). In 2006 is zij echter vervallen en ‘opgevolgd’ door een nieuwe, nog meer a

Seite 41

EEN WETTELIJK PERSPECTIEF 121 Legitimatie Het op bovenstaande gronden ontworpen voorstel voor een wettelijke recidiverege-ling mocht zich op grote

Seite 42

HOOFDSTUK 3 122 doen voortduren. Ook in die gevallen waarin herhaling van gelijke of gelijksoorti-ge misdrijven moedwillige volharding bij het kwaad o

Seite 43

EEN WETTELIJK PERSPECTIEF 123 Tenuitvoerlegging Hoewel recidive als zodanig dus grond vormde voor een bijzondere straftoemeting, betekende dit gege

Seite 44

HOOFDSTUK 3 124 drijven – en niet voor overige bestaande – heeft gekozen.95 Met betrekking tot artikel 422 Sr (oud) was het bijvoorbeeld onduidelijk e

Seite 45

EEN WETTELIJK PERSPECTIEF 125 rijen tegen personen krachtens de militaire wetten opgelegde straf geheel of ten de-le heeft ondergaan, of sedert die

Seite 47

HOOFDSTUK 3 126 Verjaringstermijn en de aanvang daarvan De artikelen 421-423 Sr (oud) kenden voorts alle dezelfde verjaringstermijn van vijf jaar. He

Seite 48

EEN WETTELIJK PERSPECTIEF 127 schillende - beperking opgenomen met betrekking tot de delicten waarin voornoem-de mogelijkheid zich voordeed. De par

Seite 49

HOOFDSTUK 3 128 drijven), alsmede in de artikelen 424, 426, 436, 438 (oud), 439, 449, 453 (oud), 455 (oud) en 471 (allen overtredingen).108 Deze bepal

Seite 50 - Smidt, a.w. 1891, p. 149

EEN WETTELIJK PERSPECTIEF 129 Strafverzwarende werking Laatstgenoemd verschil komt bijvoorbeeld naar voren in het gegeven dat de recidive soms gron

Seite 51 - Nieboer, a.w. 1973, p. 5

HOOFDSTUK 3 130 Reeds in de beginjaren is er in de literatuur op gewezen dat het in artikel 453 Sr (oud) gesteld vereiste van een onherroepelijk vonni

Seite 52 - Smidt, a.w. 1891, p. 355

EEN WETTELIJK PERSPECTIEF 131 Indien de schuldige van het plegen van het misdrijf omschreven in het eerste lid een beroep of eene gewoonte maakt, ka

Seite 53

HOOFDSTUK 3 132 Zo maakte Schim van der Loeff eind 19e eeuw uit recidivestatistieken van verschillen-de landen op, dat een eerste herhaling bijna alti

Seite 54

EEN WETTELIJK PERSPECTIEF 133 Wet Herijking Strafmaxima heeft echter evenzo gelijktijdig een nieuwe, (meer) alge-mene recidiveregeling ingevoerd. He

Seite 55

HOOFDSTUK 3 134 Hoofdzakelijk indachtig de Engelse Prevention of Crime Act uit 1908132 diende de toenmalige minister van Justitie Donner op 31 decembe

Seite 56

EEN WETTELIJK PERSPECTIEF 135 De ontwikkeling van de bewaringsmaatregel dient vanuit deze dogmatische beschou-wing te worden begrepen. Ook in ons la

Seite 57

Hoofdstuk 1 Inleiding, probleemstelling en aanpak 1.1 Inleiding In 2004 is het Nederlands strafrechtelijk sanctiestelsel uitgebreid met een nie

Seite 58

HOOFDSTUK 3 136 gewoontemisdadigers. Deze sanctie was, in de terminologie van de Memorie van Toelichting, “bestemd om hen voor langdurigen termijn uit

Seite 59

EEN WETTELIJK PERSPECTIEF 137 want dan kan hij gemakkelijker in dien maatregel en in zijn eigen rechtsgevoel be-rusten”.143 De gewenste en noodzake

Seite 60

HOOFDSTUK 3 138 zich niet staande konden houden in de maatschappij. Laatstbedoelde categorie was voor de minister aanleiding te stellen dat het mogeli

Seite 61

EEN WETTELIJK PERSPECTIEF 139 regering wellicht zelfs dat laatstgenoemde categorie daders gezien hun persoonlijkheid, levensomstandigheden en overig

Seite 62

HOOFDSTUK 3 140 der in de voorgaande Titel.151 Hierbij verwees hij naar de bestaande maatregelen als de TBR, welke eveneens in Titel III waren onderge

Seite 63 - Pompe, a.w. 1928, p. 9

EEN WETTELIJK PERSPECTIEF 141 Aldus betrof de bewaring volgens de minister niet het eigenlijke strafstelsel, maar een maatregel gegrond op het belan

Seite 64

HOOFDSTUK 3 142 tigheidsgronden noodzakelijk geachte geïndividualiseerde en gedifferentieerde sancti-onering. Waar bijvoorbeeld in de regel bij gelege

Seite 65

EEN WETTELIJK PERSPECTIEF 143 dien in bewaring dienden te worden genomen; niet dat ze om deze reden reeds als onverbeterlijk waren te beschouwen. Al

Seite 66

HOOFDSTUK 3 144 legd.166 Los van manco’s in de afbakening van beide vrijheidsbenemende maatregelen, was dit eerst en vooral een gevolg van het feit da

Seite 67

EEN WETTELIJK PERSPECTIEF 145 percentage dezer personen tijdig en ook wellicht blijvend zal afvoeren naar de asyls”.171 Nadat ook enkele Kamerleden

Seite 68

HOOFDSTUK 1 2 de wettelijke recidiveregeling van belang. Ook dit is immers een instrument dat de wetgever ten dienste heeft gesteld aan de strafrechte

Seite 69

HOOFDSTUK 3 146 weinig kritiek en van sommige zijden zelfs ronduit instemming. Te denken valt daar-bij aan het Centraal College voor de Reclasseering

Seite 70

EEN WETTELIJK PERSPECTIEF 147 Artikel 43ter De bewaring wordt bevolen voor een door den rechter te bepalen termijn van ten minste vijf en ten hoogst

Seite 71

HOOFDSTUK 3 148 remedium-karakter onderstreept met de volgende slotsom betreffende de objectieve toepassingsvereisten: “Er is dus heel wat noodig alv

Seite 72

EEN WETTELIJK PERSPECTIEF 149 tuchtschool te doen meetellen bij de latere beoordeling van de vraag of de bewaring kon worden toegepast.184 Overigens

Seite 73

HOOFDSTUK 3 150 “Dat er verband moet zijn tusschen de gepleegde feiten, dat uit dit verband juist moet blijken, dat de man “gevaarlijk” is, wordt in h

Seite 74

EEN WETTELIJK PERSPECTIEF 151 Het subjectief toepassingskader en de kritiek daarop Als gezegd, kende artikel 43bis Sr (oud) niet alleen een objecti

Seite 75

HOOFDSTUK 3 152 nement zullen het personen zijn van een bepaalde politieke richting, die in de oogen van de Overheid gevaarlijk zijn”.197 Met in zijn

Seite 76

EEN WETTELIJK PERSPECTIEF 153 behoeven te houden”. Tot slot haalde de minister een derde evenredigheid aan, wel-ke betrekking had op het facultatiev

Seite 77

HOOFDSTUK 3 154 aan het voorkomen van misdrijven was verbonden, dat “zoolang de politieke overtui-gingen buiten het strafrecht worden gelaten, ook dez

Seite 78

EEN WETTELIJK PERSPECTIEF 155 treffende onverbeterlijke beroeps- en gewoontemisdadigers’.206 Zulks zou volgens de auteur niet alleen recht doen aan

Seite 79

INLEIDING, PROBLEEMSTELLING EN AANPAK 3en de bestrijding daarvan door middel van het strafrechtelijk sanctiestelsel, wordt het overlast-begrip in d

Seite 80

HOOFDSTUK 3 156 richting en van verschillende maatregelen (v.v. enz.) der moderne richting. Ander-zijds is zij slechts gerechtvaardigd, indien met nam

Seite 81

EEN WETTELIJK PERSPECTIEF 157 deur naar uitbreiding van de bewaringsregeling in de toekomst open te willen hou-den. De eenmaal door de rechter bevo

Seite 82

HOOFDSTUK 3 158 len bij de wet te stellen”. In het navolgende zal blijken dat de bewaringswetgeving zich om die reden uitstrekte naar de BGw. Artikel

Seite 83

EEN WETTELIJK PERSPECTIEF 159 de rwi-plaatsing, diende de bewaringssanctie het karakter van een maatregel te dragen. Men moest daarvan volgens Büche

Seite 84

HOOFDSTUK 3 160 toepassingsgronden, die kennelijk in zowel persoonlijke als zakelijke sfeer konden liggen. Voorts lag in de ongelimiteerde zinsnede te

Seite 85

EEN WETTELIJK PERSPECTIEF 161 volgens Van Dullemen toch in ieder geval zeer gewenst dat de bewindsman hierin nadrukkelijk zou worden geadviseerd doo

Seite 86

HOOFDSTUK 3 162 ingrijpende maatregel” immers uiterste noodzaak moest blijven, bleek uit een later betoog van hem.227 Röling Ook Röling wierp een bl

Seite 87

EEN WETTELIJK PERSPECTIEF 163 Bovendien wenste Röling een zodanige aanpassing van de wet, dat hierin een mini-mumleeftijd zou worden opgenomen, alsm

Seite 88

HOOFDSTUK 3 164 ongevaarlijke kruimeldieven hiervan te worden uitgesloten. Ook meende hij dat the-oretisch een levenslange bewaring wellicht juist war

Seite 89

EEN WETTELIJK PERSPECTIEF 165 staande wettelijke regeling niet delen. Hiermee verwees ze naar de behandeling van de Rijksbegroting voor het jaar 193

Seite 90

HOOFDSTUK 1 4 last. Om die reden zijn ze niet – althans niet afzonderlijk en primair – opgenomen in het sanctiestelsel dat in deze studie wordt onderz

Seite 91

HOOFDSTUK 3 166 gestelde nog in zodanige mate aanwezig was, dat verder vasthouden gerechtvaardigd was. Nu echter bij het geven van dit oordeel zeer wa

Seite 92

EEN WETTELIJK PERSPECTIEF 167 niet gestoorden onder de gevaarlijke recidivisten gering is” en deze mensen “hoezeer ook individueel ‘a danger’, nocht

Seite 93

HOOFDSTUK 3 168 “(n)a drie en twintig jaar getalmd te hebben zal men dus eindelijk moeten doortas-ten en de weg tot een afdoende bestrijding der chron

Seite 94

EEN WETTELIJK PERSPECTIEF 169 van de bewaringswet, te weten een voortgezette vrijheidsbeneming na de opgelegde en tenuitvoergelegde vrijheidsstraf.

Seite 95

HOOFDSTUK 3 170 Een andere reden is volgens Van Bemmelen daarin te zoeken “dat men zich in 1929 nog te veel verbeeld heeft, dat er gevaarlijke recidiv

Seite 96

EEN WETTELIJK PERSPECTIEF 171 van een humane en toch nog steeds individualiserende behandeling, waarbij juist de psychiater en de psycholoog een bel

Seite 97

HOOFDSTUK 3 172 Laatstgenoemd voorstel en de overkoepelende TBR-herzieningswet werden inder-daad aangenomen en traden op 1 september 1988 in werking.

Seite 98

EEN WETTELIJK PERSPECTIEF 173 deerd dat het strafrechtelijk systeem een groot aantal mogelijkheden bood om behan-delingsdrang uit te oefenen op de v

Seite 99

HOOFDSTUK 3 174 lijk te stellen voor een buitenproportioneel groot deel van de overlastgevende crimi-naliteit in de steden in ons land. Het is de comb

Seite 100 - OOFDSTUK 2

EEN WETTELIJK PERSPECTIEF 175 zoals uit het navolgende nog nader zal blijken, in essentie een strafrechtelijke interven-tie van de zijde van de over

Seite 101

INLEIDING, PROBLEEMSTELLING EN AANPAK 5Voor zover de jurisprudentie de uitleg van de wet betreft, wordt deze – als vanzelf-sprekend – hoofdzakelijk

Seite 102

HOOFDSTUK 3 176 worden gegeven aan de tweede doelstelling. Verderop in deze paragraaf zal in dat verband worden belicht op welke wijze de tenuitvoerle

Seite 103

EEN WETTELIJK PERSPECTIEF 177 De notie dat de tenuitvoerlegging van de SOV niet noodzakelijkerwijs werd beëin-digd bij een lage succeskans op verwez

Seite 104

HOOFDSTUK 3 178 Subsidiariteit Juist met het oog op het voorgaande was het volgens de regering noodzakelijk dat er een dwanginstrument als de SOV wer

Seite 105

EEN WETTELIJK PERSPECTIEF 179 objectief zou zijn te meten, alsook dat de voorgestelde formulering van het criterium als zijnde een alternatief, verw

Seite 106

HOOFDSTUK 3 180 “tot uitdrukking gebracht dat er geen rechtstreeks verband behoeft te bestaan tus-sen de ernst van de gepleegde feiten en de zwaarte v

Seite 107

EEN WETTELIJK PERSPECTIEF 181 gewaarborgd zonder afbreuk te doen aan het leefklimaat en de gewenste positieve effecten van de SOV. Ook na de feitel

Seite 108

HOOFDSTUK 3 182 voorstel tot afschaffing van deze rwi-plaatsing, lag het “niet voor de hand een nieuwe bijkomende straf van deze aard opnieuw te intro

Seite 109

EEN WETTELIJK PERSPECTIEF 183 Experimenteel karakter Wat betreft de wijze van verankering toonde toenmalig minister Sorgdrager zich in de memorie “

Seite 110

HOOFDSTUK 3 184 vervolgmetingen bij eenzelfde groep, in vergelijking met een controlegroep.353 Met betrekking tot het begrip en de definitie van de ef

Seite 111

EEN WETTELIJK PERSPECTIEF 185 veel drugsgerelateerde delicten hebben gepleegd en nog dreigen te plegen, een gun-stig effect kan hebben op hun crimin

Seite 112

De ISD in perspectief Een studie naar de ISD-maatregel in het licht van het Nederlands strafrech-telijk sanctiestelsel ter bestrijding van recidive en

Seite 114

HOOFDSTUK 3 186 den. Hoewel deze voorwaarden in de navolgende paragraaf 3.5.3 afzonderlijk zullen worden besproken, is thans reeds van belang dat in d

Seite 115

EEN WETTELIJK PERSPECTIEF 187 ge afbakening, die voornamelijk gestalte kreeg in het vorderingsbeleid en zodoende bewerkstelligde dat de maatregel in

Seite 116 - OOFDSTUK 3

HOOFDSTUK 3 188 worden toegepast op alcoholici, dan wel op mensen die recidiveren bij het in dron-kenschap begaan van (gewelds-)delicten?”.377 In zijn

Seite 117 - EEN WETTELIJK PERSPECTIEF

EEN WETTELIJK PERSPECTIEF 189 sche andere naamgeving voor gedetineerde – stapsgewijs en met toenemende vrijhe-den tot een verandering van het proble

Seite 118

HOOFDSTUK 3 190 medeverantwoordelijk voor de verwezenlijking van de vervolgvoorzieningen zoals huisvesting, scholing en arbeidstoeleiding in de extram

Seite 119

EEN WETTELIJK PERSPECTIEF 191 De dwang betrof overigens uitdrukkelijk louter de plaatsing in de SOV-inrichting en niet tevens de deelname aan het (b

Seite 120

HOOFDSTUK 3 192 zien dat het mislukkingspercentage dat de wetgever, als gezegd, wat betreft het succes van de SOV incalculeerde,401 niet alleen in alg

Seite 121

EEN WETTELIJK PERSPECTIEF 193 van het oorspronkelijke model, in die zin dat voor deze steden de eerste gesloten fase op één centrale locatie werd ge

Seite 122

HOOFDSTUK 3 194 te beproeven verantwoord. Ik wijs er in dit verband op dat degenen die tot de doelgroep behoren, tot het moment waarop de SOV als ulti

Seite 123

EEN WETTELIJK PERSPECTIEF 195 baar zullen zijn”.419 De beperktheid van de inrichtingscapaciteit, alsook de nijpende passantenproblematiek bij de TBS

Seite 124

Hoofdstuk 2 De historische ontwikkeling van het sanctiestelsel ter bestrijding van recidi-ve en criminele overlast: een juridisch-dogmatisch persp

Seite 125

HOOFDSTUK 3 196 tuatie constitueren, die de overheid met de SOV wenste te bestrijden, is het para-doxaal te noemen dat de overheid in deze bestrijding

Seite 126

EEN WETTELIJK PERSPECTIEF 197 Een andere belangrijke aantekening bij onderhavig objectief toepassingscriterium betreft de uitleg dat hierbij rekenin

Seite 127

HOOFDSTUK 3 198 Veiligheid Ten slotte was in onderdeel 4° de voorwaarde opgenomen dat de veiligheid van per-sonen of goederen het opleggen van de maa

Seite 128

EEN WETTELIJK PERSPECTIEF 199 maatregel, alsook ten slotte – en in het bijzonder – op de verslavingsproblematiek van de verdachte.441 Indien dit adv

Seite 129

HOOFDSTUK 3 200 houd van de overige adviezen en rapporten die over de verdachte waren uitgebracht, in aanmerking diende te nemen, alsmede de veelheid

Seite 130

EEN WETTELIJK PERSPECTIEF 201 inderdaad uitkomst zou kunnen bieden, bijvoorbeeld wanneer de behandeling bij het aflopen van de tweejarige duur nog o

Seite 131

HOOFDSTUK 3 202 “Een verplichte aftrek verdraagt zich niet met het karakter van de strafrechtelijke maatregel. Aan het welslagen van een maatregel – i

Seite 132

EEN WETTELIJK PERSPECTIEF 203 gemeenten voor de laatste fase, niet alleen het wezenskenmerk vormde van de SOV, maar ook als zodanig rechtvaardigde d

Seite 133

HOOFDSTUK 3 204 uitblijft”.472 Ook later gaf de regering aan positief te staan tegenover de voorwaarde-lijke SOV,473 zij het dan dat zij het in alle g

Seite 134

EEN WETTELIJK PERSPECTIEF 205 wijzigen of opheffen (sub 1°), alsook de opdracht tot het verlenen van hulp en steun aan een andere dan de initiële re

Seite 135

HOOFDSTUK 2 8 Laatstgenoemde thematiek wordt bovendien in het vervolg daarvan nader toegespitst op de specifieke sanctietoepassing zoals die in beide

Seite 136

HOOFDSTUK 3 206 Verwacht werd dat de rechter, als hij al zou voelen voor een tussentijdse beoordeling, inderdaad eerst ná oplegging van de maatregel d

Seite 137

EEN WETTELIJK PERSPECTIEF 207 onthouden.490 Immers, indien de veroordeelde inderdaad een tweede toegangsmoge-lijkheid werd onthouden, dan ontstond v

Seite 138

HOOFDSTUK 3 208 worden uitgevoerd door het kabinet.499 De motie werd weliswaar aangenomen,500 maar de uitvoering daarvan bleef uit. Negen maanden late

Seite 139

EEN WETTELIJK PERSPECTIEF 209 danige vrijheidsbeneming had onttrokken en b. wanneer hij zich langer dan een dag achtereen ongeoorloofd ophield buite

Seite 140

HOOFDSTUK 3 210 vrijheidsbenemende maatregelen plaatsing in een psychiatrisch ziekenhuis en TBS was een en ander echter beduidend minder zeker, nu de

Seite 141

EEN WETTELIJK PERSPECTIEF 211 dat dit feitelijk onjuist of onvolledig was. Het tweede lid gaf voorts een nadere dui-ding van de termijn waarbinnen d

Seite 142

HOOFDSTUK 3 212 naam van de trajectbegeleider die op grond van artikel 44k Pm (oud) door de inrich-tingsdirecteur voor iedere betrokkene werd aangewez

Seite 143

EEN WETTELIJK PERSPECTIEF 213 door de inrichtingsdirecteur en die van de opvang in de derde fase door de directeur en het gemeentebestuur samen. 3.

Seite 144

HOOFDSTUK 3 214 reductie (afname van het aantal gepleegde delicten in bepaalde periode) bijna 50%. Met betrekking tot verslaving kan in termen van mid

Seite 145

EEN WETTELIJK PERSPECTIEF 215 respectievelijk van Volksgezondheid dat bedoelde evaluatie de effectiviteit aantoont van zorg gecombineerd met dwang.

Seite 146

EEN JURIDISCH-DOGMATISCH PERSPECTIEF 9 2.2.1.1 De klassieke theorie Onder invloed van (straf)theoretici als Hobbes, Locke, Rousseau en Beccaria on

Seite 147

HOOFDSTUK 3 216 Aan de basis lag het eind 2002 gepresenteerde, veelomvattende veiligheidspro-gramma Naar een veiliger samenleving536, waarmee op zijn

Seite 148

EEN WETTELIJK PERSPECTIEF 217 criminaliteit van voornoemde groep recidivisten. Het knelpunt werd voornamelijk gemeend te liggen in de experimentele,

Seite 149

HOOFDSTUK 3 218 samenleving effectief zou kunnen worden beveiligd.550 Een aanpak tot slot, die nog persoonsgerichter van aard dient te zijn dan voorhe

Seite 150

EEN WETTELIJK PERSPECTIEF 219 Legitimatie Het voorgaande moge duidelijk maken dat de primaire legitimatie van de persoonsge-richte, algemene aanpak

Seite 151

HOOFDSTUK 3 220 re bestraffing wordt gerealiseerd. Zulks is niet te wijten aan een te beperkte band-breedte voor de strafrechter om de afzonderlijke v

Seite 152

EEN WETTELIJK PERSPECTIEF 221 Een ander zwaarwegend punt was het feit dat de regering het ter onderbouwing van deze noodzaak, als gezegd, aangewezen

Seite 153

HOOFDSTUK 3 222 personen ineens voor twee jaar in de gevangenis worden gezet, mits men een pro-gramma krijgt aangeboden, ook al weten wij helemaal nie

Seite 154

EEN WETTELIJK PERSPECTIEF 223 “Zo wordt het mogelijk om voor een bepaalde categorie, die harde kern van veel-plegers, de zaak om te draaien en om ze

Seite 155

HOOFDSTUK 3 224 ten die pleiten voor de vorm van een maatregel “bij nader inzien sterker” zijn,583 op grond van de volgende juridisch-dogmatische onde

Seite 156

EEN WETTELIJK PERSPECTIEF 225 maatschappij te halen.588 Volgens de regering is dit legitiem, vanwege de aanspraak die de samenleving en haar leden k

Seite 157

HOOFDSTUK 2 10 beurt werd geacht te kunnen maken op de soeverein. De soeverein was namelijk vanuit zijn deel van de wederkerige overeenkomst verplicht

Seite 158

HOOFDSTUK 3 226 ging daarvan.594 Ondanks deze wezenlijke verandering ten opzichte van de SOV – waar dit, in ieder geval op voorhand, wel het geval was

Seite 159

EEN WETTELIJK PERSPECTIEF 227 ter Donner gesteld dat recidivebeëindiging, alsook maatschappijbeveiliging, een doel-omschrijving is en geen (resultaa

Seite 160

HOOFDSTUK 3 228 Refererend aan de scheve verhouding die bij de SOV was ontstaan, heeft de regering zich er voorts duidelijk over uitgesproken dat bij

Seite 161

EEN WETTELIJK PERSPECTIEF 229 burgers zich onveilig voelen. Daarom heeft het kabinet bewust gekozen voor het aanpakken van deze groep van delinquent

Seite 162

HOOFDSTUK 3 230 dan niet te kampen hebben met een psychische stoornis, in aanmerking komen voor toepassing van de maatregel. Al met al zijn de profeti

Seite 163

EEN WETTELIJK PERSPECTIEF 231 ding geeft tot een gedifferentieerde tenuitvoerlegging van de maatregel.627 Als gevolg van de mogelijkheid zodoende om

Seite 164 - Röling, a.w. 1933, p. 96

HOOFDSTUK 3 232 de in totaal 874 intramurale ISD-plaatsen bezet en 88 van de in totaal 126 extramurale plaatsen.634 In dat jaar was er overigens wel e

Seite 165

EEN WETTELIJK PERSPECTIEF 233 in de gedifferentieerde invulling daarvan. De wijze waarop een opgelegde ISD daad-werkelijk ten uitvoer wordt gelegd s

Seite 166

HOOFDSTUK 3 234 van de veroordeelde in de maatschappij (artikel 2, tweede lid, van de Penitentiaire beginselenwet). Dat betekent dat hem daartoe strek

Seite 167

EEN WETTELIJK PERSPECTIEF 235 Als gezegd, ligt volgens de regering de kracht – en legitimatie – van de algemene ISD in de gedifferentieerde tenuitvo

Seite 168

EEN JURIDISCH-DOGMATISCH PERSPECTIEF 11 “De kern van het verwijt dat veel van de 19de eeuwse penalisten hun 18de eeuwse voorgangers maakten was inde

Seite 169

HOOFDSTUK 3 236 ontbreekt, nu er in de rapportages in het kader van het beleidsmatig veiligheidspro-gramma tevens aandacht kan worden besteed aan de I

Seite 170 - Pompe, a.w. 1932, p. 24

EEN WETTELIJK PERSPECTIEF 237 dus primair in het kader van maatschappelijke opvang”, hetgeen volgens de minister “meer een kwestie is van andere min

Seite 171

HOOFDSTUK 3 238 lopige hechtenis en is voorts in artikel 67a, tweede lid, onderdeel 3 Sv de werking van de specifieke recidivegrond uitgebreid van lou

Seite 172

EEN WETTELIJK PERSPECTIEF 239 zijn van een situatie waarin er ernstig rekening mee moet worden gehouden dat de verdachte wederom een misdrijf zal be

Seite 173

HOOFDSTUK 3 240 strafrechterlijke straftoemetingsvrijheid enige aandacht. Dat zal hieronder gebeuren, na bespreking echter van enkele andere aspecten

Seite 174

EEN WETTELIJK PERSPECTIEF 241 betreffende fractieleden voor “als strijdig met fundamentele rechtsbeginselen van het Nederlandse strafrecht om dezelf

Seite 175

HOOFDSTUK 3 242 lid, onderdeel 2° Sr gestelde recidive-eis van drie veroordelingen in de afgelopen vijf jaar.691 Uitgaande van de zeer actieve veelple

Seite 176

EEN WETTELIJK PERSPECTIEF 243 verdachte. Beide primaire doeleinden vloeien, als gezegd, rechtstreeks voort uit de grondslag van deze huidige maatreg

Seite 177

HOOFDSTUK 3 244 het recidive risico te verminderen. Bovendien blijkt met de totstandkoming van zo’n advies nogal veel tijd te zijn gemoeid.”700 In aa

Seite 178

EEN WETTELIJK PERSPECTIEF 245 Artikel 38m, zesde lid, Sr: nadere overwegingen bij de oplegging Hoewel bij inwerkingtreding van de ISD-wet ongewijzi

Seite 179

HOOFDSTUK 2 12 De Neo-klassieke Richting kreeg in ons land haar belangrijkste erkenning met de inwerkingtreding van het Wetboek van Strafrecht in 1886

Seite 180 - 280, p. 272

HOOFDSTUK 3 246 van proportionaliteit. In hoofdstuk 5 zal nader worden bezien welke verweren ter zake zijn gevoerd en in hoeverre zij stand hebben geh

Seite 181

EEN WETTELIJK PERSPECTIEF 247 Bevoegdheidskwestie Op vordering van het OM kan de strafrechter bij niet-naleving van de gestelde voor-waarden, bevel

Seite 182

HOOFDSTUK 3 248 begin van de tenuitvoerlegging daarvan.715 Uit de overige wettekst volgt voorts dat een volgend verzoek telkens kan worden gedaan na z

Seite 183

EEN WETTELIJK PERSPECTIEF 249 geven moment is het een kwestie waarover het oordeel aan de rechterlijke macht is”.722 Inmiddels heeft de rechterlijk

Seite 184

HOOFDSTUK 3 250 Artikelen 38t en 38u Sr: onderbreking en beëindiging Artikel 38t Sr bepaalt nog onverminderd dát en wanneer de termijn van de ISD kan

Seite 185

EEN WETTELIJK PERSPECTIEF 251 worden gecombineerd met de plaatsing in een psychiatrisch ziekenhuis731, noch met de TBS732. Tenuitvoerlegging op bas

Seite 186

HOOFDSTUK 3 252 spraken en de naam van de (slechts dan aangewezen) trajectbegeleider.738 Blijkens het ten volle gewijzigd artikel 44j Pm is de besliss

Seite 187

EEN WETTELIJK PERSPECTIEF 253 de calculerende veelpleger die uit is op snel economisch gewin en voor twee jaar in-tramuraal zou verblijven, zoals op

Seite 188

HOOFDSTUK 3 254 tot herijking van een aantal wettelijke strafmaxima. Dit leidde tot de parlementaire vraagstelling of het ingrijpend karakter van de b

Seite 189

EEN WETTELIJK PERSPECTIEF 255 grotere rol speelt, ligt het meer in de rede daar in het wettelijk stelsel van strafma-xima rekening mee te houden. Va

Seite 190

EEN JURIDISCH-DOGMATISCH PERSPECTIEF 13 vlak meer ten aanzien van de klassieke veronderstelling van de individuele wilsvrij-heid. Met de abstracte o

Seite 191

HOOFDSTUK 3 256 andersoortige en in zwaarte sterk variërende delicten. In voorkomende gevallen kan bovendien het ‘passende’ effect op de strafopleggin

Seite 192

EEN WETTELIJK PERSPECTIEF 257 over uit, maar betoogt een gebrek aan noodzaak tot invoering van de nieuwe recidi-veregeling.771 Overigens acht de aut

Seite 193

HOOFDSTUK 3 258 3.7.3 Wettelijke regeling: de artikelen 43a- 43b Sr en 43c Sr (oud) In het voorgaande is reeds ter sprake gekomen dat de wettelijke

Seite 194

EEN WETTELIJK PERSPECTIEF 259 ledig aan de rechter om te besluiten tot het opleggen van een straf boven het wettelijk maximum uit de afzonderlijke s

Seite 195

HOOFDSTUK 3 260 kader heeft de regering overigens uitdrukkelijk willen voorkomen dat de verjarings-termijn tijdens de detentieperiode verstrijkt.782 D

Seite 196

EEN WETTELIJK PERSPECTIEF 261 deelde.787 Aan deze invrijheidstelling van rechtswege is de algemene voorwaarde ver-bonden dat de veroordeelde zich vo

Seite 197

HOOFDSTUK 3 262 dat een bewezenverklaard misdrijf inderdaad vóór de inwerkingtredingsdatum is ge-pleegd, is er sprake van verandering in de wetgeving

Seite 198 - 15%-20% moet dalen

EEN WETTELIJK PERSPECTIEF 263 3°. de misdrijven omschreven in de artikelen 111 tot en met 113, 118, 119, 261 tot en met 271, 418 en 419; 4°. de misd

Seite 199

HOOFDSTUK 3 264 lijk de beheersing van het wapenbezit – zijn ze niet soortgelijk als bedoeld in de alge-mene recidiveregeling.801 Artikel 43c Sr (oud

Seite 200

EEN WETTELIJK PERSPECTIEF 265 (artikel 358 lid 4 Sv). Een specifieke motiveringsplicht geldt voorts in het bijzonder bij de oplegging van een straf

Seite 201

HOOFDSTUK 2 14 operandi werd voor het sturen en verwezenlijken van beoogde sociale veranderingen. De Moderne Richting vatte het strafrecht in dat kade

Seite 202

HOOFDSTUK 3 266 3.7.4 Huidige stand van zaken: de wettelijke recidiveregeling in werking Uitgaande van de door de wetgever beoogde signaalwerking va

Seite 203

EEN WETTELIJK PERSPECTIEF 267 de bewaringsmaatregel was eerst en vooral gegrond op de aard van daders, te weten de maatschappijgevaarlijkheid van zo

Seite 204

HOOFDSTUK 3 268 regel, de SOV als de ISD af. Voorts werd de discussie telkens op het straftheoretisch dualisme van straf en maatregel betrokken. Het i

Seite 205

EEN WETTELIJK PERSPECTIEF 269 terwijl de bij de SOV en ISD vereiste veroordelingen zich konden cq. kunnen uit-strekken tot andere vrijheidsontnemend

Seite 207

Hoofdstuk 4 De historische ontwikkeling van het sanctiestelsel ter bestrijding van recidi-ve en criminele overlast: een beleidsmatig perspectief

Seite 208

HOOFDSTUK 4 272 blematiek de afweging tot het al dan niet bestraffen – en daarmee ook tot de reikwijd-te van het strafrecht – zo complex is.3 Zowel de

Seite 209

EEN BELEIDSMATIG PERSPECTIEF 273 bekwaam gemaakt en tot werkzaamheid opgeleid worden”.4 Voor de precieze (wette-lijke) tenuitvoerlegging zij verder

Seite 210

HOOFDSTUK 4 274 Op de bewaringsmaatregel is evenmin specifiek uitvoeringsbeleid van toepassing ge-weest. Dit is niet verwonderlijk, gezien het gegeven

Seite 211

EEN BELEIDSMATIG PERSPECTIEF 275 Drugsverslaving: geen strafrechtelijk maar medisch-sociaal beleid Zoals in de inleiding van deze paragraaf reeds i

Seite 212

EEN JURIDISCH-DOGMATISCH PERSPECTIEF 15 spraak.23 Een en ander bleek ook overduidelijk uit het overkoepelende ‘programma’ van de Moderne Richting, d

Seite 213

HOOFDSTUK 4 276 demonstratief van karakter deed ervaren.16 Dit alles heeft niet alleen de sociale beteke-nis van drugs als een probleem drastisch vera

Seite 214

EEN BELEIDSMATIG PERSPECTIEF 277 zien van de bejegening van drugsgebruikers en in hoeverre het ministerie verant-woordelijk was voor het drugsbeleid

Seite 215

HOOFDSTUK 4 278 aanvaardbare risico’s waren verbonden. De beoogde differentiatie spitste zich voorts toe op een beleidsmatig onderscheid tussen de han

Seite 216

EEN BELEIDSMATIG PERSPECTIEF 279 acht, indien het crimineel gedrag van deze personen daartoe aanleiding gaf en alterna-tieve wegen tot hulpverlening

Seite 217

HOOFDSTUK 4 280 gebracht. Deze structurering omvatte allereerst een onderscheid in specifieke hulpver-lening en aspecifieke hulpverlening.35 Een ander

Seite 218

EEN BELEIDSMATIG PERSPECTIEF 281 ternationale handel in deze stoffen, werd echter het maximum van vier jaar gehand-haafd. Voornoemd onderdeel van de

Seite 219

HOOFDSTUK 4 282 zijde van de drugsproblematiek, maar ook als instrument ter doorgeleiding van drugs-gebruikers naar de civiele verslavings- en gezondh

Seite 220

EEN BELEIDSMATIG PERSPECTIEF 283 Inzake de hulpverlening aan verslaafden, verscheen voorts in 1976 een adviesrapport van de Gezondheidsraad.49 Dit r

Seite 221

HOOFDSTUK 4 284 Het hulpverleningsbeleid kreeg zodoende het karakter (toebedeeld) van een samen-hangend netwerk van snelle, goed bereikbare, flexibele

Seite 222

EEN BELEIDSMATIG PERSPECTIEF 285 De nota Inzake de situatie van de zwaar verslaafden: nadruk op differentiatie, coördi-natie, continuïteit en de pre

Seite 223

De ISD in perspectief Een studie naar de ISD-maatregel in het licht van het Nederlands strafrech-telijk sanctiestelsel ter bestrijding van recidive e

Seite 224

HOOFDSTUK 2 16 dan ten tijde van de (neo)klassieke theorie. Dit had uiteraard ook in belangrijke mate zijn weerslag op de wijze waarop men de dader be

Seite 225

HOOFDSTUK 4 286 Wat betreft eerstgenoemd terrein van volksgezondheid werd in de nota gewezen op het belang van een nadere invulling van de ambulante,

Seite 226

EEN BELEIDSMATIG PERSPECTIEF 287 drugsgebruik en criminaliteit nadrukkelijker dan voorheen onderkende. Oog hebbend voor de consequenties van deze re

Seite 227

HOOFDSTUK 4 288 behoeften, maar ook de hulpverlening ná de invrijheidstelling.67 Zodoende zou een meer gedifferentieerde invulling van de vrijheidsben

Seite 228

EEN BELEIDSMATIG PERSPECTIEF 289 ventig voorzichtig de eerste stappen toe gezet met de bijzondere opvang van drugs-verslaafden in een penitentiaire

Seite 229

HOOFDSTUK 4 290 slaafden te bereiken. Hiertoe is het echter wenselijk dat er in de hulpverlening een aantal aspecten in het bijzonder wordt benadrukt”

Seite 230

EEN BELEIDSMATIG PERSPECTIEF 291 aanmerking komen, klein zal zijn”.81 Nog afgezien van de vraag of de categorie drugsverslaafde personen aan deze co

Seite 231

HOOFDSTUK 4 292 was dat er ten aanzien van de desbetreffende justitiabelen die het huis van bewaring verlieten vaker dan voorheen een hulpverleningsco

Seite 232

EEN BELEIDSMATIG PERSPECTIEF 293 nota Inzake de situatie van zwaar verslaafden. Aan de daarin gestelde voorwaarden ter zake bleek echter enkele jare

Seite 233

HOOFDSTUK 4 294 ring in het drugsbeleid af, als gevolg van de (in prioriteit) toegenomen drugsgerela-teerde criminaliteit en openbare orde-verstoring.

Seite 234

EEN BELEIDSMATIG PERSPECTIEF 295 en overlast middels een verstevigde inzet en capaciteitsuitbreiding van het strafrecht; beducht als zij was voor he

Seite 235

EEN JURIDISCH-DOGMATISCH PERSPECTIEF 17 willekeurige overheidsinmenging. Dit kreeg (onder meer) haar uitwerking in het juri-dische stelsel van recht

Seite 236

HOOFDSTUK 4 296 controle als gevolg van verscheidene maatschappelijke veranderingen, waaronder een versterkt individualisme. Uitgaande van de sociale

Seite 237

EEN BELEIDSMATIG PERSPECTIEF 297 noodzakelijk maakte, werd de aanwending van dwangverpleging als instrument niet volstrekt afgewezen door de commiss

Seite 238

HOOFDSTUK 4 298 laten zijn. Het voorgestane beleid van differentiatie en consistentie diende in de optiek van het kabinet “het uitgangspunt te zijn vo

Seite 239

EEN BELEIDSMATIG PERSPECTIEF 299 van de kleine criminaliteit, om zodoende verkokering tegen te gaan. Voorts en met name, gold het principe voor de u

Seite 240

HOOFDSTUK 4 300 tie, dan wel het strafrecht als legitiem instrument voorgesteld “om dit probleem de kop in te drukken”.114 De overlast en/of morele af

Seite 241

EEN BELEIDSMATIG PERSPECTIEF 301 het penitentiaire terrein stond overigens niet op zich, maar paste in de ontwikkeling van een eigenstandig drugsbel

Seite 242

HOOFDSTUK 4 302 visie van beide inrichtingen hebben geleid tot een beduidend uiteenlopende vormge-ving van de experimenten,126 kenden zij de volgende

Seite 243

EEN BELEIDSMATIG PERSPECTIEF 303 Eerst met deze nota kan worden gesproken van een formeel penitentiair drugsbeleid. Vasthoudend aan de uitgangspunte

Seite 244

HOOFDSTUK 4 304 Het rapport en beleidsprogramma Drugvrije detentie In 1985 verscheen voorts het rapport Drugvrije detentie met daarin de bevindingen

Seite 245

EEN BELEIDSMATIG PERSPECTIEF 305 haar therapeutische aard en een intramurale hulpverlening, die zich toespitste op (het stimuleren van het aanvaarde

Seite 246

HOOFDSTUK 2 18 drukkelijk een aandacht voor de dader in abstracte zin, waarbij men aan de hand van een gefingeerd mensbeeld en de aanname van de forme

Seite 247

HOOFDSTUK 4 306 van een nieuw fenomeen tot een regulier onderdeel van het gevangeniswezen. In dezelfde periode deed zich niettemin een enigszins tegen

Seite 248

EEN BELEIDSMATIG PERSPECTIEF 307 taak op om de barrières tussen de betrokken voorzieningen en overheden zoveel mo-gelijk weg te nemen en te streven

Seite 249

HOOFDSTUK 4 308 In het rapport van de stuurgroep (hierna: ISAD) werd ingegaan op het bestaan van zowel de primaire en secundaire drugsproblemen, als h

Seite 250

EEN BELEIDSMATIG PERSPECTIEF 309 lijk problematische verschijnselen”.173 De tijd was rijp voor een dergelijke normalise-ring van het beleid, zo was

Seite 251

HOOFDSTUK 4 310 Een geëffectueerde verzakelijking in de reactie op (drugsgerelateerde overlast en) crimi-naliteit De door de ISAD voorgestane verzake

Seite 252

EEN BELEIDSMATIG PERSPECTIEF 311 er nu een terugkerend geloof in een justitiële aanpak.182 In de navolgende beschou-wing van het ontwikkeld justitie

Seite 253

HOOFDSTUK 4 312 sie, maar tevens van die binnen het Europees Parlement als zodanig. De rechtse meer-derheid conformeerde zich (impliciet) aan de Ameri

Seite 254

EEN BELEIDSMATIG PERSPECTIEF 313 jaren tachtig stond Nederland met dit beleid – vrijwel – alleen. Pogingen ter zake van onze regering om op internat

Seite 255

HOOFDSTUK 4 314 den gemaakt. Deze civiele tak van hulpverlening functioneerde wat betreft de doel-matigheid en effectiviteit, matig, zo was inmiddels

Seite 256

EEN BELEIDSMATIG PERSPECTIEF 315 immers gewag gemaakt van het gegeven dat, hoewel het voor ons land zo kenmer-kende harm reduction-karakter nog alti

Seite 257

EEN JURIDISCH-DOGMATISCH PERSPECTIEF 19 dat de staat zich toch vooral niet al te zeer zou mogen inlaten met de persoonlijkheid van de dader. Vandaar

Seite 258

HOOFDSTUK 4 316 gebaseerde speciale opvangmogelijkheden op de drugsvrije afdelingen, waarvan de capaciteit destijds 140 plaatsen besloeg. Ten aanzien

Seite 259

EEN BELEIDSMATIG PERSPECTIEF 317 meente, politie, OM, rechtbank, gevangeniswezen, CAD – werd getracht voornoem-de doelstelling te realiseren door mi

Seite 260

HOOFDSTUK 4 318 in een baan – was namelijk 27% voor de deelnemers die in 1988 met het project start-ten en zelfs 42% voor de daaropvolgende lichting.

Seite 261

EEN BELEIDSMATIG PERSPECTIEF 319 stateerde de WRR direct al dat deze handhaving steeds moeilijker leek te worden. Enerzijds was er sprake van veelvu

Seite 262

HOOFDSTUK 4 320 kers”.230 In het onderstaande zal worden toegelicht hoe een en ander in het strafrech-telijk beleid diende te worden uitgewerkt. Vanz

Seite 263

EEN BELEIDSMATIG PERSPECTIEF 321 Met betrekking tot de vraagzijde constateerde de WRR dat de Nederlandse justi-tiële belangstelling voor de gebruike

Seite 264

HOOFDSTUK 4 322 “In 1983 heeft de regering de decriminalisering van hard drugs verworpen, waarbij praktische uitvoeringsproblemen, medisch-etische ove

Seite 265

EEN BELEIDSMATIG PERSPECTIEF 323 in de vorm van maatschappelijke of justitiële drang of dwang om een behandeling te ondergaan en deze te voltooien.2

Seite 266

HOOFDSTUK 4 324 op andere, bestuurlijke omgevingen, zo stelde de WRR. Vanuit de essentiële notie dat de justitiële ingang bij uitstek de weg was waarl

Seite 267

EEN BELEIDSMATIG PERSPECTIEF 325 nemende) straf, met een evenzo sterk daadgericht karakter. Zoals in hoofdstuk 2 is belicht, wordt de strafrechter o

Seite 268

HOOFDSTUK 2 20 klassieke wetgever zelf afgebrokkeld ten gunste van een vrijere rol voor de strafrech-ter. Dit vormt een bewijs dat deze wetgever niet

Seite 269

HOOFDSTUK 4 326 of ten minste de verdenking daarvan, de concrete ingang voor de strafrechtelijke drangreactie. Bovendien was het hiertoe van essentiee

Seite 270

EEN BELEIDSMATIG PERSPECTIEF 327 toenemende repressie verslaafd rakende Justitia, waarmee het middel, nog daargelaten of de bestrijding van verdoven

Seite 271

HOOFDSTUK 4 328 re positie zou verwerven in het drugs(verslavings)beleid. In het verlengde daarvan, werd het drugsprobleem nog minder dan voorheen van

Seite 272

EEN BELEIDSMATIG PERSPECTIEF 329 het drugsbeleid was geworden.261 Een andere oorzaak zou zijn gelegen in politiek-bestuurlijke keuzes die het evenwi

Seite 273

HOOFDSTUK 4 330 den VN-World Ministerial Summit to Reduce the Demand for Drugs and to Com-bat the Cocaine Threat. De bewindslieden droegen daar nameli

Seite 274

EEN BELEIDSMATIG PERSPECTIEF 331 4.5.2 De dualiteit van het justitiële drangbeleid in de jaren negentig: enerzijds een beleid in volle bloei, ander

Seite 275

HOOFDSTUK 4 332 verslaafden in ontwikkeling was, evenals met betrekking tot de overlast door gokver-slaafden.285 Het te ontwikkelen overlastreductie-b

Seite 276

EEN BELEIDSMATIG PERSPECTIEF 333 kers.291 Ten aanzien van de penitentiaire voorzieningen binnen de strafrechtsketen stelde de nota tot slot dat het

Seite 277

HOOFDSTUK 4 334 hulp van de vroeghulpinterventie-systematiek (hierna: VIS). Hierin lag de door de nota beoogde combinatie van repressie en (toegang to

Seite 278

EEN BELEIDSMATIG PERSPECTIEF 335 doelgroep derhalve vaker drangtoepassing legitimeerde dan bij de tweede doelgroep, kan uit het onderzoeksresultaat

Seite 279

EEN JURIDISCH-DOGMATISCH PERSPECTIEF 21 der, die door biologische, sociale of psychische defecten – of door alle drie gezamen-lijk – wordt gedetermi

Seite 280

HOOFDSTUK 4 336 sterk tegenvallende resultaten.311 De belangrijkste oorzaak zou de korte verblijfsduur zijn. Met een gemiddelde duur van 3 maanden was

Seite 281

EEN BELEIDSMATIG PERSPECTIEF 337 De evaluatie van het overlastreductie-beleid van 1994-1998: het ongelijk van de uit-gangspunten van de nota, een be

Seite 282

HOOFDSTUK 4 338 afname van de criminaliteit op individueel niveau, dan hoefde dat niet zichtbaar te zijn in de totale criminaliteit, noch in de crimin

Seite 283

EEN BELEIDSMATIG PERSPECTIEF 339 bereikt.328 Op bescheiden wijze werd ook in het eerdergenoemd evaluatieonderzoek naar het overlastreductie-beleid g

Seite 284

HOOFDSTUK 4 340 dan wel een tussentijds ongemotiveerd geraakte persoon, valt de werking van drang weg en rest er voor politie en justitie niets anders

Seite 285

EEN BELEIDSMATIG PERSPECTIEF 341 de overheid aan deze vorm van overlast en criminaliteit paal en perk moest stellen “ongeacht de doelstellingen van

Seite 286 - OOFDSTUK 4

HOOFDSTUK 4 342 Het beleid dat voorts in de Paarse Drugsnota werd voorgestaan met betrekking tot de verslavingsproblematiek, omvatte net als voorheen

Seite 287 - EN BELEIDSMATIG PERSPECTIEF

EEN BELEIDSMATIG PERSPECTIEF 343 Heerlen/Maastricht en Utrecht, waardoor het totaal aantal deelnemende verslaafden op 750 uitkwam.355 Criminele ver

Seite 288

HOOFDSTUK 4 344 re justitiële titel.361 De algemene doelstelling bleef overigens dezelfde: de behandeling van zowel de verslavingsproblematiek als het

Seite 289

EEN BELEIDSMATIG PERSPECTIEF 345 tegenovergestelde kant op gericht. Slechts door aanvulling van het justitiële drangbe-leid met een zelfstandige san

Seite 290

HOOFDSTUK 2 22 schappelijke omgeving van de dader. Met name in de beginjaren van de Moderne Richting bestond er tussen haar vele, internationaal gerel

Seite 291

HOOFDSTUK 4 346 het voor te bereiden en in te dienen wetsvoorstel.367 Wat betreft dat laatste meende de Werkgroep-SOV dat de voorgestelde voorziening

Seite 292

EEN BELEIDSMATIG PERSPECTIEF 347 telijke toepassingsgronden zowel tot uitdrukking te komen dat de veroorzaakte en te voorkomen overlast het opleggen

Seite 293

HOOFDSTUK 4 348 aandacht te besteden aan de elementen arbeid en scholing, vrije tijd, financiën en wo-nen”,378 waarbij de benodigde inspanningen integ

Seite 294

EEN BELEIDSMATIG PERSPECTIEF 349 immers dat “een gedwongen plaatsing in een behandelvoorziening van oudere, lang-durig verslaafden die veel met hun

Seite 295

HOOFDSTUK 4 350 en gewenste verschuiving van justitiële drang naar justitiële dwang.391 In afwachting van het wettelijk formaliseren van deze wens tot

Seite 296 - Silvis, a.w. 1984, p. 169

EEN BELEIDSMATIG PERSPECTIEF 351 politie een officier van Justitie en een verslavingsreclasseringsmedewerker inschakelde. Indien de verdachte na dit

Seite 297

HOOFDSTUK 4 352 bestraffing van relatief korte duur, waartoe de door hen gepleegde vermogenscrimina-liteit op zichzelf rechtvaardigde. Uitgangspunt bi

Seite 298

EEN BELEIDSMATIG PERSPECTIEF 353 heeft dit midden 1997 tot een reorganisatie geleid, als gevolg waarvan de organisatie-structuur, het regime en het

Seite 299

HOOFDSTUK 4 354 bleek te liggen in de eerste weken van het programma. Dit bracht haar tot het vol-gende betoog. “Plaatsing op basis van dwang – zoals

Seite 300

EEN BELEIDSMATIG PERSPECTIEF 355 drugsverslaafde gedetineerden, graag gezien dat haar advies ter zake was meegenomen. Deze commissie zette namelijk

Seite 301

EEN JURIDISCH-DOGMATISCH PERSPECTIEF 23 bepalend zou kunnen zijn, dan werd dit door de Franse school alsnog deels verklaard als voortkomend uit onde

Seite 302

HOOFDSTUK 4 356 “1. Drangprojecten Er is altijd de mogelijkheid om criminele verslaafden een behandeling aan te bieden als alternatief voor detentie.

Seite 303

EEN BELEIDSMATIG PERSPECTIEF 357 zouden zijn.423 Het OM zat zodoende in de eerstaangewezen positie om nader uit-voeringsbeleid met betrekking tot de

Seite 304

HOOFDSTUK 4 358 worden ingezet. Hoewel dit op zichzelf uiteraard geen garantie bood voor de opvol-gende beslissingen die nog konden worden genomen in

Seite 305

EEN BELEIDSMATIG PERSPECTIEF 359 van de SOV opnieuw een misdrijf zou plegen waarvoor voorlopige hechtenis was toegelaten. Bij een nog openstaand str

Seite 306

HOOFDSTUK 4 360 door het lokale OM – in overleg met politie en verslavingsreclassering – uit de groep van bekende drugsverslaafde delinquenten een lij

Seite 307

EEN BELEIDSMATIG PERSPECTIEF 361 de in artikel 44f lid 1 Pm (oud) werden in een dergelijk convenant in ieder geval af-spraken gemaakt over huisvesti

Seite 308

HOOFDSTUK 4 362 keltraject te coördineren en af te stemmen.453 Op lokaal niveau vond vervolgens de beleidsafstemming en operationele coördinatie plaat

Seite 309

EEN BELEIDSMATIG PERSPECTIEF 363 kicken gerichte methode als de SOV in een langdurige detentiesituatie niet effectief is”.458 Als gezegd, is met de

Seite 310

HOOFDSTUK 4 364 Deze harde bevindingen betroffen concreet onder meer de grote afstand tussen de landelijke politiek en de lokale situatie, de complexe

Seite 311

EEN BELEIDSMATIG PERSPECTIEF 365 komsten van de procesevaluatie samen als een moeizame start, maar waarna er veel knelpunten zijn opgelost en verbet

Seite 312

HOOFDSTUK 2 24 sprong in een mede psychisch werkende ontwikkelingsstoornis, die zich vertoont als minderwaardigheid, als degeneratie, als imbecillitei

Seite 313

HOOFDSTUK 4 366 4.5.5 De ISD: een nieuwe strafrechtelijke sanctie als start van een breder en meer heterogeen justitieel dwangbeleid ter bestrijding

Seite 314

EEN BELEIDSMATIG PERSPECTIEF 367 schillende uitgangspunten en methoden van onderzoek liepen de schattingen namelijk fors uiteen van een criminalitei

Seite 315

HOOFDSTUK 4 368 aan te pakken.492 Niet geheel verrassend betrof dit de veelplegers, of in nieuwe termi-nologie, de stelselmatige daders.493 Onder dit

Seite 316

EEN BELEIDSMATIG PERSPECTIEF 369 capaciteit van het justitiële vervolgtraject (beter) aansluit bij het aanbod vanuit de opsporing”.497 Bovenstaand

Seite 317

HOOFDSTUK 4 370 ken”, opdat het plegen van nieuwe delicten “daarmee gedurende een lange periode feitelijk onmogelijk” wordt.503 De gebezigde formuleri

Seite 318

EEN BELEIDSMATIG PERSPECTIEF 371 hebben en weinig structuur in hun leven hebben”.510 De globale aard van de ISD maakte in de optiek van het kabinet-

Seite 319

HOOFDSTUK 4 372 Laatstgenoemde functie werd daarbij als de primaire beschouwd. Niet verwonderlijk, gezien het gegeven, als gezegd, dat er bij de uitvo

Seite 320

EEN BELEIDSMATIG PERSPECTIEF 373 op 4000 à 5000 personen.517 Het gegeven dat juist deze groep veelplegers het meest aanhoudend en frequent recidivee

Seite 321

HOOFDSTUK 4 374 leidsmatig hoofdstuk als het onderhavige essentieel om te bezien op welke wijze uit-voering wordt gegeven aan die sturing. De huidige

Seite 322

EEN BELEIDSMATIG PERSPECTIEF 375 vier maanden in de weg stond aan vordering van de ISD,522 is dat thans niet meer het geval. Sterker nog, de Richtli

Seite 323 - ISAD, a.w., p. 22

EEN JURIDISCH-DOGMATISCH PERSPECTIEF 25 de middelen van criminaliteitsbestrijding.57 De typering die immers zodoende in een concreet geval kon worde

Seite 324

HOOFDSTUK 4 376 tere termijn dan twee jaar zal afnemen.528 Een minimumduur van een jaar wordt ech-ter noodzakelijk geacht, om de maatregel onderscheid

Seite 325

EEN BELEIDSMATIG PERSPECTIEF 377 Tot slot van de Richtlijn en evenzo nieuw, is de vermelding dat ook voor ‘gewo-ne’ veelplegers kan worden afgeweken

Seite 326

HOOFDSTUK 4 378 Hierin is echter recentelijk een belangrijke verandering teweeg gebracht. Evenzo als bij het vorderingsbeleid, hebben de evaluatiebevi

Seite 327

EEN BELEIDSMATIG PERSPECTIEF 379 5 Inkomen en omgaan met geld 6 Relaties met partner, gezin en familie 7 Relaties met vrienden en kennissen 8

Seite 328

HOOFDSTUK 4 380 geïdentificeerd en op een zogeheten lokale veelplegerslijst geregistreerd. Vervolgens worden deze geprioriteerde veelplegers aan de ha

Seite 329

EEN BELEIDSMATIG PERSPECTIEF 381 lopende kalenderjaar.549 Voor die veelplegers die zijn veroordeeld tot de ISD geldt dat zij op de veelplegerslijst

Seite 330

HOOFDSTUK 4 382 van delictgedrag, bevat het rapport als bekend een advies voor een eventueel tijdens de ISD uit te voeren reïntegratietraject. Geduren

Seite 331

EEN BELEIDSMATIG PERSPECTIEF 383 het regulier dagprogramma. Indien ze nadien toch te motiveren zijn, volgt alsnog plaatsing in het trajectregime. H

Seite 332

HOOFDSTUK 4 384 tie-overdracht en het overleg over de benodigde acties vindt plaats in het casusoverleg of in een Veiligheidshuis. Bovenstaande proce

Seite 333

EEN BELEIDSMATIG PERSPECTIEF 385 bleek dat de ISD’ers moeilijk plaatsbaar waren, snel terugvielen en ook niet vastge-houden konden worden door de ve

Seite 334

Promotiecommissie Promotor: Prof.mr. P.A.M. Mevis Overige leden: Prof.mr. F.W. Bleichrodt Prof.mr. H. de Doelder Prof.mr. T. Blom

Seite 335 - WRR, a.w., p. 80

HOOFDSTUK 2 26 individuele dader die deze daad onder deze omstandigheden had begaan, opdat hij voorts door de werking van het betreffende middel weerh

Seite 336 - WRR, a.w., p. 80-81

HOOFDSTUK 4 386 de ISD in de rechtspraak tussentijds – op de voet van artikel 38s Sr – werd beëin-digd.572 Verbeteringen in de ISD-aanpak Al snel na

Seite 337 - WRR, a.w., p. 86

EEN BELEIDSMATIG PERSPECTIEF 387 noemde Veiligheidshuizen. Hierbinnen zullen afspraken worden gemaakt over de reïntegratie van ISD’ers); – invoerin

Seite 338

HOOFDSTUK 4 388 Overige beleidsaanpassing: verruiming van de toepassing Ook anderszins heeft de bewindsvrouwe in 2008 aanpassing van het ISD-beleid a

Seite 339

EEN BELEIDSMATIG PERSPECTIEF 389 uit de maatschappelijke roulatie worden genomen, waardoor de overlast zal afne-men.585 Vanuit het uitgangspunt ‘uit

Seite 340

HOOFDSTUK 4 390 geeft de Raad geen concrete schatting van de nieuwe doelgroep. Wel somt hij ver-schillende redenen op om aan te nemen dat deze doelgro

Seite 341

EEN BELEIDSMATIG PERSPECTIEF 391 Effectevaluatie en ander empirisch onderzoek Als gevolg van de – op instigatie van de staatssecretaris – gewijzigd

Seite 342

HOOFDSTUK 4 392 cidive en criminele overlast. Of dat werkelijk zo mag worden gesteld, zal in het kader van de legitimiteit van de ISD aan de orde kome

Seite 343

EEN BELEIDSMATIG PERSPECTIEF 393 Rest tot slot nog de evaluatiebevinding dat een heldere, coördinerende rol van de reclassering bij de onderlinge co

Seite 344

HOOFDSTUK 4 394 ningen, met name voor mensen met een verstandelijke beperking die daarbij een ver-slavings- of psychiatrische problematiek hebben.617

Seite 345

EEN BELEIDSMATIG PERSPECTIEF 395 Naar een veiliger samenleving aan de basis heeft gestaan. Met als overkoepelend doel het terugdringen, dan wel het

Seite 346

EEN JURIDISCH-DOGMATISCH PERSPECTIEF 27 zich begin 20e eeuw dusdanig voelen dat in brede zin sprake was van een tendens waarbij het strafrecht zich

Seite 347

HOOFDSTUK 4 396 treft de geregistreerde strafrechtelijke recidive is sprake van een wisselend beeld. Aan-vankelijk leek zich in 2004 bij de groep ZAVP

Seite 348

EEN BELEIDSMATIG PERSPECTIEF 397 de groep zeer actieve veelplegers die tussen 2004 en medio 2009 de ISD kreeg opge-legd – circa 1600 personen – ges

Seite 349

HOOFDSTUK 4 398 Dit kan een onderschatting zijn, vooral van de LVG-problematiek, die niet goed in beeld te brengen is”.638 Ook de informatie over de

Seite 350

EEN BELEIDSMATIG PERSPECTIEF 399 tijdens de intramurale fase te beperkt is en onvoldoende toegesneden op de kernpro-blematiek van de doelgroep en da

Seite 351

HOOFDSTUK 4 400 stelling, een ruimere en effectievere toepassing van de (overige) voorwaardelijke sanc-tiemodaliteiten, een verruiming en professional

Seite 352

EEN BELEIDSMATIG PERSPECTIEF 401 fectief geachte korte vrijheidsstraf. Deze gedachte vloeit voort uit de centrale beleids-doelstelling van criminali

Seite 353

HOOFDSTUK 4 402 een drugs- en/of alcoholverbod.664 Het wetsvoorstel voorziet eerst en vooral in de volgende vier wijzigingen: – het vastleggen van

Seite 354

EEN BELEIDSMATIG PERSPECTIEF 403 – dat de gedragsinterventie is gebaseerd op een expliciet veranderingsmodel waarvan de werking wetenschappelijk is

Seite 355

HOOFDSTUK 4 404 del- en verblijfvoorziening is bedoeld voor “chronisch verslaafde ISD’ers met comor-bide psychiatrische en sociaal-maatschappelijke pr

Seite 356

EEN BELEIDSMATIG PERSPECTIEF 405 ben”.679 De toekomst zal moeten uitwijzen in hoeverre er werkelijk strikt zal worden vastgehouden aan het financier

Seite 357

HOOFDSTUK 2 28 2.2.3.1 Rechtsbeginselen bezien in het (neo)klassieke strafrecht In de ogen van een 19e eeuwse (neo)klassieke strafrechtsgeleerde zou

Seite 358

HOOFDSTUK 4 406 gericht op de totnutoe onderbedeeld gebleven groep justitiabelen met triple problema-tiek, combineert de nieuw ingekochte zorg de expe

Seite 359

EEN BELEIDSMATIG PERSPECTIEF 407 middels geconsulteerd. Zonder in detail te treden,695 is de kern van de adviezen dat de strekking van de wetsvoorst

Seite 360

HOOFDSTUK 4 408 “Zo is er onvoldoende expertise binnen de inrichtingen, ook op de bijzondere af-delingen (zoals de bijzondere zorgafdeling (bza) en in

Seite 361

EEN BELEIDSMATIG PERSPECTIEF 409 Ook de RMO doet aanbevelingen ter verbetering van de situatie.704 De eerste is een vrij dogmatische, namelijk “kies

Seite 362

HOOFDSTUK 4 410 4.5.6.2 Overkoepelend beleid: Vbbv, Justitiële Voorwaarden, MGw, Ver-nieuwing FZ en Sluitende Aanpak Nazorg Het in de voorgaande par

Seite 363

EEN BELEIDSMATIG PERSPECTIEF 411 optiek dat vergelding en preventie van herhaling geen tegengestelde strafdoelen zijn, beoogt de aanpak repressie en

Seite 364

HOOFDSTUK 4 412 ma is differentiatie in de tenuitvoerlegging van sancties.719 Om voorts op een beheers-bare wijze vorm te geven aan de gewenste persoo

Seite 365

EEN BELEIDSMATIG PERSPECTIEF 413 Onder het MGw valt het eveneens eerdergenoemd deelprogramma TR. Als ge-zegd, is onder deze noemer het beleid uitgez

Seite 366

HOOFDSTUK 4 414 ISD-uitvoering is bijvoorbeeld gebleken dat de nazorg een belangrijke stap is die wordt doorlopen. In dat kader is daar opgemerkt dat

Seite 367

EEN BELEIDSMATIG PERSPECTIEF 415 Platform Nazorg en het verhogen van het aantal gemeenten dat daarop is aange-sloten is. 2. Betere verwerking door

Seite 368

EEN JURIDISCH-DOGMATISCH PERSPECTIEF 29 gevolg waarvan een ieder gelijke rechten en plichten kende. Bovendien had het be-ginsel betrekking op een on

Seite 369

HOOFDSTUK 4 416 delen van de criminaliteit nog verder met kracht moet worden bestreden”.733 Ook de in 2010 gepubliceerde navolgende voortgangsrapporta

Seite 370

EEN BELEIDSMATIG PERSPECTIEF 417 derzoek valt. Ook déze studie is niet de plaats voor dergelijke harde, empirische uit-spraken, alleen al omdat de m

Seite 371

HOOFDSTUK 4 418 gelijkheden buiten de inrichting. Bezoekers worden via voorlichtingsmaterieel over het beleid geïnformeerd. Onder meer met betrekking

Seite 372

EEN BELEIDSMATIG PERSPECTIEF 419 Zoals eerder ter sprake is gekomen, is inmiddels de implementatie van een gedeel-telijk alternatief voor de VBA gaa

Seite 373

HOOFDSTUK 4 420 door het kabinet-Balkenende IV en heeft nadien de val van dat kabinet in februari 2010 overleefd. Gezien de aard en inhoud van het wet

Seite 374

EEN BELEIDSMATIG PERSPECTIEF 421 gestelde sanctie voordoet, maar breder in de onderhavige ontwikkeling van het straf-rechtelijk sanctiestelsel, zal

Seite 375

HOOFDSTUK 4 422 wordt geplaatst.766 Voor de leden van de D66-fractie is deze verwarring aanleiding geweest de regering te verzoeken om duidelijkheid t

Seite 376

EEN BELEIDSMATIG PERSPECTIEF 423 ernstig rekening mee moet worden gehouden dat de verdachte opnieuw een strafbaar feit pleegt of zich belastend gedr

Seite 377

HOOFDSTUK 4 424 dachten die in aanmerking komen voor een rechterlijk gebiedsverbod etc., hoeven dus geen recidivist te zijn, laat staan een stelselmat

Seite 378

EEN BELEIDSMATIG PERSPECTIEF 425 4.5.6.5 Concept-wetsvoorstel tot invoering van minimumstraffen voor re-cidive bij zware misdrijven Met betrekking

Seite 379

HOOFDSTUK 2 30 Resocialisatie In tegenstelling tot de bovengenoemde rechtsbeginselen speelde het resocialisatiebe-ginsel slechts een zeer bescheiden

Seite 380

HOOFDSTUK 4 426 “een volgende stap in een lijn waarin de wetgever zijn eigen verantwoordelijkheid voor een rechtvaardige sanctietoepassing waar wil ma

Seite 381

EEN BELEIDSMATIG PERSPECTIEF 427 4.5.6.6 Strafvorderingsbeleid OM met betrekking tot recidive Tot slot van de actuele beleidsontwikkelingen, de ve

Seite 382

HOOFDSTUK 4 428 insteek van het dwangbeleid is daardoor niet meer houdbaar. De situatie is ontstaan dat nu Justitie deze dadercategorie zo stevig in h

Seite 383

EEN BELEIDSMATIG PERSPECTIEF 429 sering van zwaar verslaafden, met een bijbehorend strafrechtelijk beleid. In zoverre heeft de nota aan de basis ges

Seite 385

Hoofdstuk 5 De historische ontwikkeling van het sanctiestelsel ter bestrijding van recidi-ve en criminele overlast: een jurisprudentieel perspecti

Seite 386

HOOFDSTUK 5 432 5.2 De rechtspraak met betrekking tot de rwi-plaatsing Ter introductie op de rechtspraak ter zake van de afzonderlijke aspecten van

Seite 387

EEN JURISPRUDENTIEEL PERSPECTIEF 433 Niet zelden werd de (herhaalde) rwi-plaatsing overigens ‘geïnitieerd’ door de delin-quent zelf, door een begaan

Seite 388

HOOFDSTUK 5 434 Den Haag verschafte om hen aan een veroordeling te helpen”, zo heeft Van Duyne ter zake opgemerkt.13 In het licht van het voorgaande

Seite 389

EEN JURISPRUDENTIEEL PERSPECTIEF 435 In zowel de praktijk als de literatuur wist men niet goed raad met deze situatie, die ook haaks stond op de gro

Seite 390

EEN JURIDISCH-DOGMATISCH PERSPECTIEF 31 ginselen van schuld en proportionele vergelding. Het strafrechtelijke systeem dat de Moderne Richting voorst

Seite 391

HOOFDSTUK 5 436 hij de verdachte aldus louter veroordelen tot plaatsing in een rijkswerkinrichting, in-dien hij de verdachte schuldig had bevonden aan

Seite 392

EEN JURISPRUDENTIEEL PERSPECTIEF 437 maatregel TBR.27 Gelet op de verklaring van zowel de deskundige, de getuige, als de verdachte zelf en voorts ge

Seite 393

HOOFDSTUK 5 438 “omdat daarin beklaagde’s plaatsing in eene rijkswerkinrichting wordt gelast, zon-der dat blijkt, dat hij tot werken in staat is, hetw

Seite 394

EEN JURISPRUDENTIEEL PERSPECTIEF 439 5.2.4 Duur van de onvoorwaardelijk opgelegde rwi-plaatsing Zoals uit hoofdstuk 3 moge zijn gebleken, was de s

Seite 395

HOOFDSTUK 5 440 een patroon te ontdekken, nu afzonderlijke argumentatie daaromtrent veelal ont-breekt. Dat maakt het lastig te achterhalen waarom voor

Seite 396

EEN JURISPRUDENTIEEL PERSPECTIEF 441 ten op grond, dat de veroordeelde zich vóór het einde van een proeftijd van twee jaren aan een strafbaar feit h

Seite 397

HOOFDSTUK 5 442 opnemen in een aangewezen inrichting.54 Ten slotte gaf artikel 14c Sr (oud) de (eni-ge) restrictie dat de bijzondere voorwaarden de go

Seite 398

EEN JURISPRUDENTIEEL PERSPECTIEF 443 Pompe heeft bij dit oordeel voor de Hoge Raad meegewogen dat de bijzondere voorwaarde niet was beperkt tot de g

Seite 399

HOOFDSTUK 5 444 ze mening werd gedeeld en bevestigd door de directie van de rijkswerkinrichting Norgerhaven, alsmede door de reclasseringsinstellingen

Seite 400

EEN JURISPRUDENTIEEL PERSPECTIEF 445 hun crimineel gedrag in locatie afstemden op die arrondissementen die als toegeeflijk en menslievend bekend sto

Seite 401

HOOFDSTUK 2 32 meenschap dan handhaving der rechtsorde en bescherming der door de wet ge-sanctioneerde levensbelangen”.82 Ook door Kempe83 en Van der

Seite 402

HOOFDSTUK 5 446 5.3 De rechtspraak met betrekking tot de wettelijke recidiveregeling Zoals reeds aangekondigd in paragraaf 5.1, zal in de nu volgen

Seite 403

EEN JURISPRUDENTIEEL PERSPECTIEF 447 cidiveregeling dat de strafverzwarende omstandigheid door de rechter bij de strafop-legging als zodanig slechts

Seite 404

HOOFDSTUK 5 448 5.3.2 Toepassingsvoorwaarde: een onherroepelijke, eerdere veroordeling Bovengenoemde toepassingsvoorwaarde is niet de enige voorwaar

Seite 405

EEN JURISPRUDENTIEEL PERSPECTIEF 449 deling en mitsdien daarmede gelijk moet worden gesteld”. Het hiertegen aangevoerd cassatiemiddel faalde in de o

Seite 406

HOOFDSTUK 5 450 eerdere, onherroepelijke veroordeling wegens een soortgelijk misdrijf, zo volgt (onder meer) uit hetzelfde arrest; dat misdrijf mag du

Seite 407

EEN JURISPRUDENTIEEL PERSPECTIEF 451 De toepassingsvoorwaarde van een onherroepelijke veroordeling gold ook met betrekking tot de tenlastelegging. Z

Seite 408

HOOFDSTUK 5 452 5.3.4 Effect van de toegepaste recidiveregeling Bij de beschouwing van de wettelijke recidiveregeling in hoofdstuk 3 is gebleken dat

Seite 409

EEN JURISPRUDENTIEEL PERSPECTIEF 453 juistheid op beide punten, toont het vonnis aan dat de rechtbank genegen was om de strafverzwaringsgrond van de

Seite 410

HOOFDSTUK 5 454 omstandigheid dat verdachte een andere, positieve weg leek te zijn ingeslagen, ten gunste van hem prevaleren. Eenzelfde subsidiariteit

Seite 411

EEN JURISPRUDENTIEEL PERSPECTIEF 455 ging.101 Hoewel daarin beslist een sterke signaalwerking doorklinkt, is de nuancering van belang dat de herhaal

Seite 412

EEN JURIDISCH-DOGMATISCH PERSPECTIEF 33 zijn verbonden, terwijl het delict voor de maatregel slechts een aanleiding vormt.88 Met name die laatste on

Seite 413

HOOFDSTUK 5 456 oordeeld maar vóórdat het hof zich in appel over de zaak buigt, zodat gelijktijdige berechting in eerste aanleg niet mogelijk is gewee

Seite 414

EEN JURISPRUDENTIEEL PERSPECTIEF 457 (nog) niet aangaat om hem te verwijten dat hij wederom in de fout is gegaan”. De Hoge Raad houdt hier strikt de

Seite 415

HOOFDSTUK 5 458 meewegen als één van de persoonlijke omstandigheden van de verdachte, valt in nog minder algemene en concluderende bewoordingen iets t

Seite 416

EEN JURISPRUDENTIEEL PERSPECTIEF 459 5.3.7 Besluit De beperkte toepassing van de wettelijke recidiveregeling, alsook de onzelfstandige aard van dez

Seite 417

HOOFDSTUK 5 460 wordt afgegeven dat recidive zwaarder dient te worden bestraft”,117 kan de (voormali-ge) regering met de ontwikkeling in de rechtspraa

Seite 418

EEN JURISPRUDENTIEEL PERSPECTIEF 461 ressant in hoeverre de rechterlijke macht daarin meegaat, maar evenzo in hoeverre zij haar sanctioneringslijn t

Seite 419

HOOFDSTUK 5 462 Dat kan echter niet van andere aspecten worden gezegd, zoals in het onderstaande zal blijken. 5.4.1.1 Instemming van en (behandel)mo

Seite 420

EEN JURISPRUDENTIEEL PERSPECTIEF 463 de notie dat een initieel gebrek aan behandelbereidheid en -motivatie van de veroor-deelde een absoluut obstake

Seite 421

HOOFDSTUK 5 464 Al met al reden voor de Hoge Raad om tot de hierboven geciteerde fundamentele rechtsoverweging te komen, met als gevolg dat voor het o

Seite 422 - RMO, a.w., p. 10

EEN JURISPRUDENTIEEL PERSPECTIEF 465 5.4.1.2 Ondanks vordering, geen SOV-oplegging Herhaald zij dat voor oplegging van de SOV noodzakelijk was dat

Seite 423

HOOFDSTUK 2 34 het geheel niet uitstrekt tot de sanctiemodaliteit van de maatregel.94 Zijn redenering is de volgende, waarbij vooral de laatste zin ge

Seite 424

HOOFDSTUK 5 466 observatie, was doorgebracht, werd namelijk veelvuldig gebruik gemaakt.134 In som-mige strafmotiveringen werd daarbij louter melding g

Seite 425

EEN JURISPRUDENTIEEL PERSPECTIEF 467 de notie van een extra rechterlijke waarborg voor een zorgvuldige toepassing en ten-uitvoerlegging van de SOV.1

Seite 426

HOOFDSTUK 5 468 geval betrokkene niet om zou kunnen gaan met de toenemende vrijheden die hem werden geboden in het SOV-programma, de behandeling dient

Seite 427

EEN JURISPRUDENTIEEL PERSPECTIEF 469 Uniform toetsingskader Ten tijde van bovenstaande beslissing inzake de tussentijdse beoordeling van de SOV bes

Seite 428

HOOFDSTUK 5 470 niet tussentijds beëindigd.152 Zoals in paragraaf 5.4.1.1 al was aangekondigd, liet zich hierin (terug)zien dat de SOV door de rechter

Seite 429

EEN JURISPRUDENTIEEL PERSPECTIEF 471 Had de strafrechter niets te zeggen over de (na)zorg na (al dan niet tussentijdse) beëin-diging van de SOV, dat

Seite 430

HOOFDSTUK 5 472 staande schendingen aan te nemen in zichzelf voldoende bevrediging van het ge-schonden rechtsgevoel inhoudt”. Eenmalige tussentijdse

Seite 431

EEN JURISPRUDENTIEEL PERSPECTIEF 473 en principiële wijze ontvankelijk te verklaren, heeft de rechtbank ruim baan willen geven aan haar waarborgfunc

Seite 432

HOOFDSTUK 5 474 aanvang een wezenlijk ander, want meer op beveiliging gericht, karakter dan de SOV. Om de rechterlijke koershandhaving, dan wel -wijzi

Seite 433

EEN JURISPRUDENTIEEL PERSPECTIEF 475 de mogelijkheid openlaat om ook indien aan de aldaar gestelde voorwaarden is vol-daan, niettemin van oplegging

Seite 434

EEN JURIDISCH-DOGMATISCH PERSPECTIEF 35 Proportionaliteit Ook het proportionaliteitsbeginsel was in fundamentele zin aan ‘moderne’ verande-ring ond

Seite 435

HOOFDSTUK 5 476 stemming van de verdachte”.167 Evenmin blijkt in de rechtspraak een initieel gebrek aan (behandel)motivatie van de verdachte in de weg

Seite 436

EEN JURISPRUDENTIEEL PERSPECTIEF 477 vende verandering in zijn verslaving en criminele gedrag heeft geleid, alsook de om-standigheden dat de verdach

Seite 437

HOOFDSTUK 5 478 Anderzijds laat de ISD-rechtspraak ook vele voorbeelden zien waarin de ISD wordt gevorderd, maar desondanks niet door de rechterlijke

Seite 438

EEN JURISPRUDENTIEEL PERSPECTIEF 479 noemde zaak van het Hof ’s-Hertogenbosch, was mede doorslaggevend de stellig aan-gekondigde weigering van verda

Seite 439

HOOFDSTUK 5 480 en in de lagere rechtspraak inderdaad de ISD krijgen opgelegd.185 Zij begaan door-gaans geen of in ieder geval niet primair, vermogens

Seite 440

EEN JURISPRUDENTIEEL PERSPECTIEF 481 De Rechtbank Almelo stelde de beslissing tot herhaalde toepassing van de ISD even-zeer in het licht van de doel

Seite 441

HOOFDSTUK 5 482 innerlijke waarde van de ISD-wet, een wet in formele zin.190 Het oordeel hierover is voorbehouden aan de wetgever zelf en niet aan de

Seite 442

EEN JURISPRUDENTIEEL PERSPECTIEF 483 screeningsinstrument de basis vormt van het voorlichtingsrapport, alsook de grondslag vormt voor het bepalen of

Seite 443

HOOFDSTUK 5 484 Ondanks de aanvankelijk in het beleid tot uitgangspunt genomen zeer sobere ISD-detentie, koestert de rechterlijke macht blijkbaar in v

Seite 444

EEN JURISPRUDENTIEEL PERSPECTIEF 485 en dat daar binnen de ISD voldoende tijd voor moet worden genomen, brengt de rechterlijke macht bij het bepalen

Seite 445

Voorwoord Dit proefschrift is geschreven met alle dynamiek die inherent is aan de functie van wetenschappelijk docent. Lange perioden met uitsluite

Seite 446 - OOFDSTUK 5

HOOFDSTUK 2 36 deze resocialisatiegedachte. In paragraaf 2.2.5.2 wordt bekeken of en zo ja, hoe het rechtsbeginsel strookte met de felle discussies di

Seite 447

HOOFDSTUK 5 486 eenmaal enige tijd vergt.208 De voorlopige hechtenis van verdachten ten aanzien van wie het OM een ISD gaat vorderen, zal om die reden

Seite 448

EEN JURISPRUDENTIEEL PERSPECTIEF 487 de strafvorderlijke regeling, een wettelijke normering bevat van de termijnen voor de behandeling van een verzo

Seite 449

HOOFDSTUK 5 488 waardelijke ISD vordert,216 mag deze door artikel 38p Sr genormeerde modaliteit zich in de rechtspraak op toenemende populariteit verh

Seite 450

EEN JURISPRUDENTIEEL PERSPECTIEF 489 laatste kans aan betrokkene wil bieden om zonder gedwongen tweejarige vrijheidsbe-neming te werken aan gedragsv

Seite 451

HOOFDSTUK 5 490 5.5.2 nog ter sprake zal komen – heeft de Hoge Raad bepaald dat eerdergenoemd artikellid aldus moet worden gelezen dat tot kennisnemin

Seite 452

EEN JURISPRUDENTIEEL PERSPECTIEF 491 Met soortgelijke overwegingen wees de penitentiaire kamer voorts de vordering tot tenuitvoerlegging af in een z

Seite 453

HOOFDSTUK 5 492 5.5.1.5 Oplegging van de ISD in combinatie met andere sancties Zoals in hoofdstuk 3 is belicht, behelst de ISD-wet zelf geen explic

Seite 454

EEN JURISPRUDENTIEEL PERSPECTIEF 493 Aan de onduidelijkheid kwam – althans deels – een einde toen de Hoge Raad zich over de combinatie ISD en gevang

Seite 455

HOOFDSTUK 5 494 Een andere vraag die nog ter tafel ligt, is of het arrest van de Hoge Raad zich ook uitstrekt tot de combinatie van de ISD met een ten

Seite 456

EEN JURISPRUDENTIEEL PERSPECTIEF 495 “neemt de Hoge Raad in aanmerking dat blijkens de wetsgeschiedenis in het bij-zonder de combinatie van de ISD-m

Seite 457

EEN JURIDISCH-DOGMATISCH PERSPECTIEF 37 deze gedachte die er aan ten grondslag heeft gelegen dat er van de zijde van de wet-gever destijds weinig to

Seite 458

HOOFDSTUK 5 496 bijzondere procedure neergelegd in artikel 38s Sr. Deze procedure van de tussentijdse beoordeling stelt de strafrechter namelijk in st

Seite 459

EEN JURISPRUDENTIEEL PERSPECTIEF 497 Uniform toetsingskader Met de veranderde aard – en wettelijke regeling – van de ISD kon het toetsingskader zoa

Seite 460

HOOFDSTUK 5 498 Een andere overweging die vaak wordt gehanteerd is: “Van het niet erg voortvarende verloop van de behandeling van betrokkene kan niet

Seite 461

EEN JURISPRUDENTIEEL PERSPECTIEF 499 piële vraag raakt of strafrechtelijk genormeerde vrijheidsbeneming daar wel toe dient en voor is aangewezen. Ov

Seite 462

HOOFDSTUK 5 500 geeft deze thematiek in de praktijk nog altijd aanleiding tot uitvoeringsproblemen, met name waar het de doorplaatsing op bijzondere z

Seite 463 - 1898, p. 60-73, p. 68

EEN JURISPRUDENTIEEL PERSPECTIEF 501 Ook los van het bestaan van specifieke psychiatrische problematiek, is de algemene conclusie gerechtvaardigd da

Seite 464

HOOFDSTUK 5 502 Op deze, als gezegd, principiële uitspraak lijkt hetzelfde hof echter nadien wat terug te komen. Bij een tussentijdse beoordeling waar

Seite 465

EEN JURISPRUDENTIEEL PERSPECTIEF 503 In het merendeel van de gevallen geschiedt de beëindiging daarentegen wél met onmiddellijke ingang. Soms ligt d

Seite 466

HOOFDSTUK 5 504 SOV in beginsel nog leek te omarmen, heeft zij zich bij de ISD van meet af aan zeer kritisch en terughoudend opgesteld. Dit heeft alle

Seite 467

EEN JURISPRUDENTIEEL PERSPECTIEF 505 ISD-veroordeelde om. Eén van dergelijke omstandigheden is klaarblijkelijk de (ernsti-ge) psychiatrische problem

Seite 468

HOOFDSTUK 2 38 zinnigenwet 1841 – bestonden, alsmede in de omstandigheid dat de betreffende maat-regel niet werd gepresenteerd als een alternatief voo

Seite 469

HOOFDSTUK 5 506 houden door middel van de (desnoods ambtshalve geïnstigeerde) tussentijdse beoorde-ling, is het niet te verwachten dat de ISD ook daad

Seite 470

EEN JURISPRUDENTIEEL PERSPECTIEF 507 Sterker is dat stempel daarentegen ter zake van de wettelijke recidiveregeling. Zo heeft de rechterlijke macht

Seite 471

HOOFDSTUK 5 508 gend hoofdstuk zal de ISD in perspectief worden bezien, waarbij op deze en andere vragen een antwoord zal worden gezocht.

Seite 472

Hoofdstuk 6 De ISD in perspectief 6.1 Inleiding Met het oog op de probleemstelling van deze studie is in de hoofdstukken 2 tot en met 5 de ontw

Seite 473

HOOFDSTUK 6 510 de tenuitvoerlegging van deze sanctionering. In het brede begrip ‘sanctionering’ ligt de overkoepeling besloten van zowel dogmatiek, w

Seite 474

DE ISD IN PERSPECTIEF 511 6.2.1.1 Het strafrecht als grondslag: een vanzelfsprekendheid of een veel-bewogen discussiepunt? Het strafrechtelijk kara

Seite 475

HOOFDSTUK 6 512 De bewaringsmaatregel is, zoals in de hoofdstukken 2 en 3 naar voren is gekomen, ont-staan als uitvloeisel van de dominante Moderne Ri

Seite 476

DE ISD IN PERSPECTIEF 513 Al met al blijkt het strafrechtelijk karakter van de sanctionering ter bestrijding van recidive en criminele overlast hist

Seite 477

HOOFDSTUK 6 514 tief strafrechtelijk optreden legitiem ter voorkoming van recidive. Nochtans heeft de wetgever er destijds bij de bewaringsmaatregel v

Seite 478 - 23/001444-02 (ongepubl.)

DE ISD IN PERSPECTIEF 515 oorsprong te vinden in een bepaalde individuele daderproblematiek, maar – neutraler – in de stelselmatigheid van de crimin

Seite 479

EEN JURIDISCH-DOGMATISCH PERSPECTIEF 39 heid te veroveren”.113 Ten bewijze hiervan verwijst Van der Landen naar een andere passage uit de Memorie va

Seite 480

HOOFDSTUK 6 516 inzet van het strafrecht dan op die wijze en in die mate nodig is. Over dit tweede ijk-punt – de (legitimatie van de) wettelijke regel

Seite 481

DE ISD IN PERSPECTIEF 517 teitsbeginsel wel van kracht is bij de straf, maar niet bij de maatregel. Dat dit als zoda-nig een wezenlijke rol heeft ge

Seite 482

HOOFDSTUK 6 518 strekt zich dan ook veeleer uit tot de eis van een zekere evenredigheid tussen de duur van de vrijheidsbeneming en de doelstelling, vo

Seite 483

DE ISD IN PERSPECTIEF 519 “een zeer langdurige detentie ter beveiliging van de samenleving zal niet mogen worden opgelegd aan een winkeldief, ook al

Seite 484

HOOFDSTUK 6 520 ken.25 Derhalve niet alleen de strafwetgeving, de vervolging en het strafproces, maar ook de sanctietoemeting en -tenuitvoerlegging. D

Seite 485

DE ISD IN PERSPECTIEF 521 voet staat met (onder meer) het proportionaliteitsbeginsel, “wel opportuun is en zelfs in hoeverre dit beleid ‘empirische’

Seite 486

HOOFDSTUK 6 522 steld en gepositioneerd als aanvullend instrument ten opzichte van bestuurlijke, maar ook justitiële interventies. Wat betreft die laa

Seite 487

DE ISD IN PERSPECTIEF 523 over de herziening van het sanctiestelsel, geen effect gesorteerd.35 Dit, terwijl het in de artikelen 1 Sr en 16 Gw neerge

Seite 488

HOOFDSTUK 6 524 viduele belangen. Voorts doet de vraag zich voor in hoeverre die afweging bijdraagt aan legitimering van de betreffende sanctiemodalit

Seite 489

DE ISD IN PERSPECTIEF 525 in gevallen van recidive bij zware misdrijven een onvoorwaardelijke vrijheidsstraf op te leggen van een wettelijk bepaalde

Seite 490

HOOFDSTUK 2 40 Gegrond op strafverzwaring voor het bij herhaling plegen van bepaalde delicten, behelsde het Wetboek van Strafrecht van 1886 voorts een

Seite 491

HOOFDSTUK 6 526 vrijheid dient te behouden om binnen een verantwoord wettelijk toepassingskader een verantwoorde straftoemetingsbeslissing te nemen. H

Seite 492

DE ISD IN PERSPECTIEF 527 moeden. De ontwikkeling van ons sanctiestelsel laat zien dat vergelding en doelmatig-heid van straffen samen voorkomen, zi

Seite 493 - AY5007

HOOFDSTUK 6 528 aanvaard “dat de overheid niet elk potentieel gevaar in de kiem kan smoren”, kan wat dat betreft als een uitzondering worden beschouwd

Seite 494

DE ISD IN PERSPECTIEF 529 Onschadelijkmaking of verbetering van de dader: opvattingen in wetgeving, beleid en rechtspraak Met zijn toekomstgericht

Seite 495

HOOFDSTUK 6 530 verslavingspatroon. Over de implicaties daarvan voor de tenuitvoerlegging, als gezegd, later meer. De ISD staat, veel sterker dan de

Seite 496

DE ISD IN PERSPECTIEF 531 van deze houding van de rechterlijke macht worden wat betreft de tenuitvoerlegging nog besproken in paragraaf 6.2.5. Wat b

Seite 497

HOOFDSTUK 6 532 verslaving, is begrijpelijk dat ter bestrijding van die criminaliteit – alsook, meer fun-damenteel, van de verslaving – gemakkelijk(er

Seite 498

DE ISD IN PERSPECTIEF 533 de korte, insluitingstermijn. De individuele belangen en dus een lange termijn-perspectief hebben in de ISD-Wet slechts su

Seite 499

HOOFDSTUK 6 534 van de doelgroep het risicotaxatieinstrument RISc aan de orde, op grond waarvan deze differentiatie thans plaatsvindt binnen de (ISD-)

Seite 500

DE ISD IN PERSPECTIEF 535 recht(elijk sanctiestelsel) werd geacht hier zodanig preventief op aan te sluiten, dat het gevaar(lijk gedrag) van de dade

Seite 501 - AY0531

EEN JURIDISCH-DOGMATISCH PERSPECTIEF 41 hebben in dat verband opgemerkt dat het wettelijk sanctiestelsel “de klassieke beko-ring van de eenvoud” nie

Seite 502

HOOFDSTUK 6 536 de wetgever bij de SOV specifiek het oog had op de harddrugsverslaafden onder deze daders, bakende het beleid de doelgroep daarbinnen

Seite 503

DE ISD IN PERSPECTIEF 537 ring die term daarom niet wenste te hanteren, laat staan in de wet te codificeren, vormden blijkens deze studie de als zod

Seite 504

HOOFDSTUK 6 538 “Wegens de ernstige gevolgen der kwalificatie van onverbeterlijkheid zal men niet spoedig tot deze mogen overgaan”.60 In de huidige t

Seite 505

DE ISD IN PERSPECTIEF 539 De validiteit van de RISC wetenschappelijk onderzocht Vanwege bovenstaande kritiek, alsook vanwege het feit dat de RISc v

Seite 506

HOOFDSTUK 6 540 Implicaties voor de legitimiteit van de ISD Nu aldus uit de RISc-evaluatie is gebleken dat dit risicotaxatieinstrument (vooralsnog) n

Seite 507

DE ISD IN PERSPECTIEF 541 gelegd aan psychisch gestoorde beroeps- en gewoontemisdadigers, is een fictieve vraag, nu deze maatregel immers nooit in w

Seite 508

HOOFDSTUK 6 542 6.2.4.6 Conclusies en implicaties De doelgroep van de sanctionering ter bestrijding van recidive en criminele overlast blijkt door de

Seite 509

DE ISD IN PERSPECTIEF 543 6.2.5 Tenuitvoerlegging In paragraaf 6.2.3.2 is gebleken dat speciale preventie ter maatschappijbeveiliging, de dominant

Seite 510

HOOFDSTUK 6 544 de inrichting van de tenuitvoerlegging, onderling verschillend. In tegenstelling tot de SOV kent de ISD – althans in de optiek van de

Seite 511

DE ISD IN PERSPECTIEF 545 plaats in een trajectregime met intensieve (zorg- en gedrags)interventies. Als uitvloei-sel van het selectieve beleid dat

Seite 512

HOOFDSTUK 2 42 ties dan de vrijheidsstraf de criminaliteit doelmatig zou kunnen worden bestre-den”.122 Ter zake zag men binnen de Moderne Richting tw

Seite 513

HOOFDSTUK 6 546 de voorkeur dat voortdurende en voldoende investering in de individuele belangen als uitgangspunt en het ideale middel tot collectieve

Seite 514

DE ISD IN PERSPECTIEF 547 heden om de investeringen in zorg, behandeling en resocialisatie in ieder geval zoda-nig op te starten, dat de buiten-just

Seite 515

HOOFDSTUK 6 548 (in)gericht op individuele belangen zoals behandeling. De hierin opgenomen zinsnede dat de tenuitvoerlegging zoveel mogelijk dienstbaa

Seite 516

DE ISD IN PERSPECTIEF 549 stelling, terwijl deze mogelijkheid bij de ISD (alsook bij de SOV overigens) ontbreekt. Wel kent de ISD, als gezegd, de tu

Seite 517

HOOFDSTUK 6 550 dwingt, geschraagd door het resocialisatiebeginsel, het equivalentiebeginsel en de what works-benadering, vooral ook tot een adequaat

Seite 518

DE ISD IN PERSPECTIEF 551 – Hoe is de huidige, recidive- en overlastbestrijdende sanctie ISD te plaatsen in het licht van de bredere ontwikkeling

Seite 519

HOOFDSTUK 6 552 recidive de gelijk(soortig)heid van een strafbaar feit behelzen. Bij de bewaringsmaatre-gel, de SOV en de ISD moe(s)t de recidive daar

Seite 520

DE ISD IN PERSPECTIEF 553 voerlegging van) een sanctiemodaliteit voor ogen heeft, of maatschappijbeveiliging slechts wordt ingevuld langs de lijn va

Seite 521

HOOFDSTUK 6 554 groep. Waar het specifiek het punt betreft van de toepassing óók op vrouwen, breidt deze verwantschap tussen de ISD en de bewaringsmaa

Seite 522

DE ISD IN PERSPECTIEF 555 de normering bepleit dat de (langdurende) vrijheidsbeneming zodanig wordt ingericht dat alle inspanningen er ook primair e

Seite 523

EEN JURIDISCH-DOGMATISCH PERSPECTIEF 43 niet afzonderlijk vermeld wordt, als er geen nadere kwalificaties bijkomen”.129 Voor-gaand punt is van belan

Seite 524 - OOFDSTUK 6

HOOFDSTUK 6 556 grip ‘motivatie’ gedurende de SOV-tenuitvoerlegging werd bezien, accepteerde en daarmee legitimeerde de rechterlijke macht dus in de k

Seite 525 - DE ISD IN PERSPECTIEF

DE ISD IN PERSPECTIEF 557 met nadruk als subsidiair doel in de wet heeft neergelegd, wordt dit doel door de rechterlijke macht juist complementair b

Seite 526

HOOFDSTUK 6 558 kende maatregel bestaande uit een gebiedsverbod, contactverbod of meldplicht. Nu deze (toekomstige) ontwikkeling zich uitstrekt tot zo

Seite 527

DE ISD IN PERSPECTIEF 559 6.4.1 Toets aan subsidiariteit Teneinde de recidive en criminele overlast die in de (grootstedelijke) openbare ruimte aa

Seite 528

HOOFDSTUK 6 560 ten de eis van een zekere evenredigheid tussen de duur van de vrijheidsbeneming en de doelstelling, vormgeving en mogelijke effectivit

Seite 529

DE ISD IN PERSPECTIEF 561 6.4.3.1 Illegale stelselmatige daders Zijdelings, maar in verband met het resocialisatiebeginsel wel van belang, dient in

Seite 530 - Zie paragraaf 2.2.3.2

HOOFDSTUK 6 562 in die gevallen zodanig wezenlijk wordt afgeweken van het (noodzakelijke) karakter en de vormgeving van de ISD, dat het de legitimitei

Seite 531

DE ISD IN PERSPECTIEF 563 Dat alles komt vooral tot uitdrukking in de waarde die de rechterlijke macht in haar afwegingen blijkt te hechten aan het

Seite 532 - Pompe, a.w. 1921, p. 48

HOOFDSTUK 6 564 Corrigerende werking van het beleid In het kader van de onderhavige legitimiteitstoets is het voorts van belang dat ook in het huidig

Seite 533

DE ISD IN PERSPECTIEF 565 baar en intern consistent sanctiestelsel. Met het oog op de bovengenoemde precaire verhouding kan worden geconcludeerd dat

Seite 534

HOOFDSTUK 2 44 De veronderstelde onverbeterlijkheid van een persoon werd overigens niet door ie-dereen aanvaard als grondslag voor sanctiedifferentiat

Seite 535

HOOFDSTUK 6 566 melijk vele veranderingen in wetgeving en beleid in gang gezet, teneinde (onder meer) het forensisch zorgaanbod te verbeteren en een b

Seite 536

DE ISD IN PERSPECTIEF 567 dit licht wreekt het zich dan ook des te sterker dat er nog altijd geen resultaten van de ISD-effectevaluatie zijn.111 In

Seite 537

HOOFDSTUK 6 568 Definiëring van het begrip ‘doelmatigheid’ Allereerst is het van essentieel (en evident) belang hoe het begrip ‘doelmatigheid’ wordt

Seite 538

DE ISD IN PERSPECTIEF 569 rig opsluiten van een extra veelpleger blijkt af te nemen.118 Er is dus, om in economi-sche termen te blijven spreken, spr

Seite 539

HOOFDSTUK 6 570 ligd, althans op het niveau van de rechtspraak en het beleid, is niet alleen van belang voor de individuele rechtsbescherming van de s

Seite 540

DE ISD IN PERSPECTIEF 571 6.5.1 Aanbevelingen met betrekking tot (toekomstige) recidive- en cri-minele overlastbestrijdende sanctionering Sinds 18

Seite 541

HOOFDSTUK 6 572 sanctie in voorkomende gevallen aan een overlastgevende dader op te leggen. Het valt daarom te bepleiten dat ook de thans door het kab

Seite 542

DE ISD IN PERSPECTIEF 573 bedacht dat de aanbeveling er uitdrukkelijk niet op is gericht om de ISD-toepassing op voorhand afhankelijk te maken van d

Seite 543

HOOFDSTUK 6 574 maanden. De wetswijziging moet dan ook niet worden gezien als een inperking van de rechterlijke straftoemetingsvrijheid, maar als een

Seite 544

DE ISD IN PERSPECTIEF 575 vast te leggen met welke sancties de ISD al dan niet samen kan worden opgelegd, kan de onduidelijkheid worden weggenomen d

Seite 545

EEN JURIDISCH-DOGMATISCH PERSPECTIEF 45 de eis van eerdere veroordeling tot minstens 5 vrijheidsstraffen, “misschien te streng” zou zijn.141 Een jaa

Seite 546

HOOFDSTUK 6 576 Aanbeveling 10: bewerkstellig een effectevaluatie van de ISD, met oog voor de lange termijn-effecten voor zowel de maatschappij als de

Seite 547

DE ISD IN PERSPECTIEF 577 legging van de ISD worden betracht, ook al vallen ze binnen de ruime wettelijke aan-duiding van die doelgroep. Aanbevelin

Seite 549

Samenvatting In 2004 is de vrijheidsbenemende maatregel plaatsing in een inrichting voor stel-selmatige daders (hierna: de ISD) in werking getred

Seite 550

SAMENVATTING 580 van legaliteit, formele gelijkheid, proportionaliteit, subsidiariteit en resocialisatie steeds instrumenteler bezien. De geschetste v

Seite 551

SAMENVATTING 581 strafrechtelijk sanctiestelsel daarin. Dat geldt met name voor de Moderne Richting enerzijds en de huidige, dominante stromingen va

Seite 552

SAMENVATTING 582 recidive slechts sprake was indien het latere misdrijf en het eerdere gelijk(soortig)e misdrijf werden gescheiden door een onherroepe

Seite 553

SAMENVATTING 583 ingrijpende (strafrechtelijke drang)interventies. Op beide legitimatiegronden – proportionaliteit en subsidiariteit – is (vanuit he

Seite 554

SAMENVATTING 584 tweede wezenlijke verandering ten opzichte van de SOV is het flink verstevigde beveiligingskarakter. Op grond van de wettelijke regel

Seite 555

SAMENVATTING 585 Aanvankelijk lag de nadruk in het beleid op strafrechtelijke sanctionering – met inzet van de rwi-plaatsing, de wettelijke recidive

Seite 556

VOORWOORD VI Tot slot, maar boven alles en iedereen, dank ik natuurlijk jou, Bas. Dit boek sluit een lange periode af, waarin wij ieder voor zich, maa

Seite 557

HOOFDSTUK 2 46 sneden voorwaarden een speciaal-preventief, gedragsbeïnvloedend effect te bewerk-stelligen, kan deze sanctiemodaliteit met recht worden

Seite 558

SAMENVATTING 586 Justitie de behoefte aan strafrechtelijke dwang, als een noodzakelijke aanvulling op het legitieme, maar niet altijd afdoende instrum

Seite 559

SAMENVATTING 587 Hoofdstuk 5: een jurisprudentieel perspectief In hoofdstuk 5 is onderzocht op welke wijze er in de rechtspraak uitleg en toepas-si

Seite 560

SAMENVATTING 588 om de SOV te vervangen voor de nog sterker op maatschappijbeveiliging gerichte ISD. Bij de ISD hebben de invloed en zelfstandige norm

Seite 561

SAMENVATTING 589 rechtelijk systeem, maar ook en telkens voor de inherente grenzen van dat sys-teem. De speciale preventie blijkt voorts de dominant

Seite 562

SAMENVATTING 590 de doelstelling, de doelgroep en de tenuitvoerlegging van de onderhavige sanctio-nering is geconcludeerd dat de ISD past binnen een b

Seite 563

SAMENVATTING 591 Mede daarom zijn aan het einde van het hoofdstuk dertien aanbevelingen gedaan voor wetgeving en beleid, zowel in algemene zin met b

Seite 565

Summary In 2004 the criminal measure for persistent offenders, the ISD measure (hereafter: ISD), came into force. However, with regard to combati

Seite 566

SUMMARY 594 tween the impulse offender and the habitual offender, but also between the so-called, corrigible and incorrigible repeat offenders. Both t

Seite 567

SUMMARY 595 tion for recidivism. These successive sanction modalities are discussed separately and with a strict sequence. First, a background is pr

Seite 568

EEN JURIDISCH-DOGMATISCH PERSPECTIEF 47 TBR) werd ingevoerd voor volwassenen.157 Een speciaal-preventieve maatschappij-beveiligende maatregel bestem

Seite 569

SUMMARY 596 tally disturbed offenders were not included, because these offenders were subject to the criminal measure TBR, already in force since 1928

Seite 570

SUMMARY 597 ity of an interim assessment, based on which the judiciary could evaluate either the desirability or the necessity to pursue the executi

Seite 571

SUMMARY 598 Chapter 4: a policy perspective Chapter 4 outlines the development of the criminal law policy for combating recidi-vism and criminal nuis

Seite 572

SUMMARY 599 pressure. After a local experiment, the introduction of the criminal measure SOV provided for this need at the start of this millennium.

Seite 573

SUMMARY 600 those who wished to insure themselves of a long-term roof over their head by self-reporting a crime linked to this penalty. It was because

Seite 574

SUMMARY 601 Chapter 6: the ISD in perspective This last chapter discusses the results on a coordinating and normative level, in order to answer the

Seite 575

SUMMARY 602 by public safety for the duration of detention, but also for the long-term aims of reha-bilitation, treatment and other individual interes

Seite 576

SUMMARY 603 In this context, the chapter ends with thirteen recommendations for legislation and legal policy, concerning the general future sanction

Seite 578

Aangehaalde literatuur Aa, S. van der, ‘Preventive detention, camp hill’, TvSr 1917, p. 167-215. Adviescommissie Drugsbeleid, Geen deuren maar da

Seite 579

HOOFDSTUK 2 48 plaatsing. Als gezegd, kwalificeerde de regering destijds de rwi-plaatsing nogal gekun-steld als een straf. Dat thans bij de bewaring h

Seite 580

AANGEHAALDE LITERATUUR 606 Bemmelen, J.M. van, ‘Vijftig jaar strafrecht’, in: Psychiatrisch-Juridisch Gezelschap, Gedenkboek 1907-1957, Amsterdam: Van

Seite 581

AANGEHAALDE LITERATUUR 607 Blom, T. en Mastrigt, H. van, ‘The future of the Dutch model in the context of the war on drugs’, in: E. Leuw en I. Haen

Seite 582

AANGEHAALDE LITERATUUR 608 Buisman, W.R. en Geirnaert, M., ‘Theorieën en modellen voor drugspreventie’, in: W.R. Buisman en J.C. van der Stel (red.),

Seite 583

AANGEHAALDE LITERATUUR 609 D’Ancona, H., ‘Het Nederlandse drugsbeleid in West-Europees perspektief’, in: M.S. Groenhuijsen en A.M. van Kalmthout (r

Seite 584

AANGEHAALDE LITERATUUR 610 Engelsman, E.L., ‘Het Nederlandse drugbeleid in West-Europees perspectief’, in: M.S. Groenhuijsen en A.M. van Kalmthout (re

Seite 585

AANGEHAALDE LITERATUUR 611 Haan, H.A. de, ‘Effectevaluatie van de strafrechtelijke opvang verslaafden (SOV) van-uit een geneeskundig perspectief’, S

Seite 586

AANGEHAALDE LITERATUUR 612 Intraval, Drugs binnen de grenzen; harddrugs en criminaliteit in Nederland: schattingen van de omvang, Groningen-Rotterdam

Seite 587

AANGEHAALDE LITERATUUR 613 Kelk, C., De menselijke verantwoordelijkheid in het strafrecht, Arnhem: Gouda Quint 1994. Kelk, C., Gezondheidszorg voor

Seite 588

AANGEHAALDE LITERATUUR 614 Laan, P. van der en Slotboom, A., ‘Wat werkt?’, in: P.J. van Koppen et al. (red.), Het recht van binnen, Deventer: Kluwer 2

Seite 589

AANGEHAALDE LITERATUUR 615 Ministerie van Justitie et al., Strafrechtelijke opvang verslaafden, rapport Werkgroep-SOV, ’s-Gravenhage 1996. Ministeri

Seite 590

EEN JURIDISCH-DOGMATISCH PERSPECTIEF 49 louter uitging van de daad, het strafbare feit, in zijn objectieve betekenis. De herhaling van misdaad werd

Seite 591

AANGEHAALDE LITERATUUR 616 Nijboer, J.F. (red.), Vervroegde Invrijheidstelling Onder Voorwaarden, Nijmegen: Ars Aequi Libri 2002. N° 11763, W 27 janua

Seite 592

AANGEHAALDE LITERATUUR 617 Raad van Hoofdcommissarissen, Tegenhouden troef, Projectgroep opsporing, Amster-dam 2003. Raad van State, Advies SOV, ’s-

Seite 593

AANGEHAALDE LITERATUUR 618 RSJ, Doorpakken. Maatschappelijke re-integratie en nazorg voor ex-gedetineerden, Advies 17 september 2009. RSJ, Wetsvoorste

Seite 594 - AMENVATTING

AANGEHAALDE LITERATUUR 619 Snippe, J., Ogier, C. en Bieleman, B., Lokale aanpak zeer actieve veelplegers: justitieel traject, Groningen-Rotterdam: I

Seite 595

AANGEHAALDE LITERATUUR 620 Tollenaar, N. et al., Monitor Veelplegers, Jeugdige en zeer actieve volwassen veelplegers in kaart gebracht, WODC augustus

Seite 596

AANGEHAALDE LITERATUUR 621 Werkgroep Verdovende Middelen, onder voorzitterschap van P. Baan, rapport, Den Haag: Staatsuitgeverij 1972. Wetenschappel

Seite 598

Afkortingen APV Algemene Plaatselijke Verordening a.w. aangehaald werk art. artikel bew. bewerkt BGw Beginselenwet Gevangeniswezen BOPz

Seite 599

AFKORTINGEN 624 o.a. onder andere OBM ontzegging van de bevoegdheid motorrijtuigen te besturen OM Openbaar Ministerie p. pagina Pbw Penit

Seite 600

Trefwoordenregister Bewaringsmaatregel 1, 3–4, 7, 33–34, 45, 47–48, 66, 68–69, 76, 98–99, 101, 105, 131, 133–173, 177, 205, 218, 227, 230, 266–2

Seite 601

HOOFDSTUK 2 50 tionale Kriminalistische Vereinigung (hierna: IKV).170 Met de oprichting van deze vereniging werd aan de hand van een internationaal di

Seite 602

TREFWOORDENREGISTER 626 Modernisering Gevangeniswezen 378, 410–415, 418–419 Nazorg 185, 189, 194, 214, 235–236, 246, 257, 266, 288, 292, 326, 332, 3

Seite 603

TREFWOORDENREGISTER 627 Straftoemeting 2, 11, 15, 19, 20, 40, 44, 46, 67, 71, 85, 109, 114, 120, 123, 156, 194, 195, 220, 222, 240, 245, 256, 280, 3

Seite 605

Curriculum vitae Sanne Struijk is geboren op 20 november 1979 te Rotterdam. In 1998 behaalde zij haar VWO-diploma aan het Maerlandt College te Br

Seite 606

EEN JURIDISCH-DOGMATISCH PERSPECTIEF 51 pen van de korte vrijheidsstraf en de jeugdcriminaliteit,175 was het vraagstuk van reci-dive hiervan een wez

Seite 607

HOOFDSTUK 2 52 totdat mag worden aangenomen dat zijn anti-sociaal karakter heeft opgehouden een gevaar te zijn voor de maatschappij en hare leden”.177

Seite 608

EEN JURIDISCH-DOGMATISCH PERSPECTIEF 53 bestond. De betreffende vaststelling van het falende strafsysteem werd namelijk ver-volgd door een discussie

Seite 609

HOOFDSTUK 2 54 neel-antropologische stroming,184 ging dit succes niet zover dat ook het begrip ‘on-verbeterlijke gewoontemisdadiger’ in de tekst was o

Seite 610

EEN JURIDISCH-DOGMATISCH PERSPECTIEF 55 worden”.188 Aldus was in zijn optiek preventief, recidivevoorkomend strafrechtelijk optreden tegen deze dade

Seite 611

Inhoudsopgave 1 Inleiding, probleemstelling en aanpak 1 1.1 Inleiding 1 1.2 Probleemstelling, definiëring en afbakening 2 1.3 Methodiek en op

Seite 612

HOOFDSTUK 2 56 De gronden daartoe waren weliswaar verscheidend van aard, maar het was toch voor-al het argument van de bescherming van de individuele

Seite 613

EEN JURIDISCH-DOGMATISCH PERSPECTIEF 57 lijke verantwoordelijkheid en de daaraan te stellen eisen. Met name de beschouwing van Van Hamel – dat het b

Seite 614

HOOFDSTUK 2 58 den strafmiddelen,206 werd een stemming andermaal uitgesteld. Niettemin werd tot de volgende, inhoudelijk fundamentele wijziging overge

Seite 615

EEN JURIDISCH-DOGMATISCH PERSPECTIEF 59 Nadat op de bestuursvergadering van 1908 was besloten in 1910 een algemene vergadering te houden in Brussel,

Seite 616

HOOFDSTUK 2 60 Te Brussel werd de discussie in belangrijke mate ingeleid en vormgegeven door de (schriftelijke) beschouwingen van Garçon, Nabokoff, Vo

Seite 617

EEN JURIDISCH-DOGMATISCH PERSPECTIEF 61 en de collectieve belangen van de maatschappij, “dat het streven moet zijn tusschen die twee de noodzakelijk

Seite 618

HOOFDSTUK 2 62 tekst van de resolutie, te weten recidive, levenswijze van de dader en diens erfelijke dan wel persoonlijke eigenschappen. Wat betreft

Seite 619

EEN JURIDISCH-DOGMATISCH PERSPECTIEF 63 gemengde karakter vloeide voort uit de tweeledige toedeling van beslissingsbevoegd-heid. Vooreerst was het a

Seite 620 - ANGEHAALDE LITERATUUR

HOOFDSTUK 2 64 de IKV zo scherp was gedebatteerd, maar dat nadien door onderlinge verdeeldheid van de agenda was verdwenen, wederom ter tafel gebracht

Seite 621

EEN JURIDISCH-DOGMATISCH PERSPECTIEF 65 paaldheid daarvan wat betreft de duur. Simons maakt echter gewag van het feit dat men zelf niet geheel zeker

Seite 622

INHOUDSOPGAVE VIII 3 De historische ontwikkeling van het strafrechtelijk sanctie-stelsel ter bestrijding van recidive en criminele overlast: een wett

Seite 623

HOOFDSTUK 2 66 koste van een wettelijk kader afgewezen. Individuele rechtszekerheid was derhalve ook binnen de Moderne Richting een groot goed. De rec

Seite 624

EEN JURIDISCH-DOGMATISCH PERSPECTIEF 67 Om hieraan recht te doen spreekt Van Kalmthout van een “synthese, zo men wil van een compromis, tussen de re

Seite 625

HOOFDSTUK 2 68 ventie aanvaard”, waarbij ook “herstel in de oude toestand en reparatie voor het slachtoffer” uitdrukkelijk aan de hedendaagse sanctied

Seite 626

EEN JURIDISCH-DOGMATISCH PERSPECTIEF 69 Wie daar in belangrijke en invloedrijke mate op inspeelde, was Nico Muller. In zijn artikel in het Tijdschri

Seite 627

HOOFDSTUK 2 70 den, zo merkt Remmelink op.271 De reden hiervan is zijns inziens gelegen in het ge-voel dat men zal hebben gehad dat de betreffende doe

Seite 628

EEN JURIDISCH-DOGMATISCH PERSPECTIEF 71 sieke strafrecht gewortelde rechtsbeginselen”.279 Waar deze richting een uitbreiding van het strafrecht voor

Seite 629

HOOFDSTUK 2 72 ke implicaties voor het strafvorderlijk en strafrechtelijk kader, zoals vele nieuwe be-voegdheden en strafbaarstellingen ter bestrijdin

Seite 630

EEN JURIDISCH-DOGMATISCH PERSPECTIEF 73 “waarin het strafrecht uitsluitend wordt opgevat als een specifiek dwangmiddel om een bepaald maatschappelij

Seite 631

HOOFDSTUK 2 74 lang.295 Een tendens die geheel en al past in het denkkader van onze huidige ‘risico-justitie’, waarin immers een categorisering van ju

Seite 632

EEN JURIDISCH-DOGMATISCH PERSPECTIEF 75 gen in de vrijheidsbeneming en op lange termijn in de behandeling. Hoe simpel dit wellicht in theorie moge l

Seite 633

INHOUDSOPGAVE IX 4 De historische ontwikkeling van het sanctiestelsel ter bestrij-ding van recidive en criminele overlast: een beleidsmatig persp

Seite 634

HOOFDSTUK 2 76 structies te rechtvaardigen”.307 Bijvoorbeeld de constructie van de SOV, waarbij vol-gens de wetgever het maatregelkarakter als zodanig

Seite 635

EEN JURIDISCH-DOGMATISCH PERSPECTIEF 77 len die in dat verband noodzakelijk en legitiem waren ter bescherming van de samen-leving. In breder en bedu

Seite 636

HOOFDSTUK 2 78 graaf van méér belang, heeft zich sindsdien een nieuw mens- en daderbeeld gevormd; zeker nadat vanaf de jaren ’90 het bovenbeschreven v

Seite 637

EEN JURIDISCH-DOGMATISCH PERSPECTIEF 79 kennen dat de beginselen en de strafrechtsdogmatiek (ook) een duurzame waarde die-nen te hebben, iets dat we

Seite 638 - FKORTINGEN

HOOFDSTUK 2 80 wijl de maatschappelijke en criminele overlast door veelplegers zeer urgent is en hun achterliggende, individuele problematiek nadere a

Seite 639

EEN JURIDISCH-DOGMATISCH PERSPECTIEF 81 “Het legaliteitsbeginsel moge – gelet op haar afkomst – niet meer in het geding zijn, het is het materieel n

Seite 640 - REFWOORDENREGISTER

HOOFDSTUK 2 82 leving werd aan de (tenuitvoerlegging van de) vrijheidsstraf een resocialiserende wer-king toegedicht die voor alle gedetineerden moest

Seite 641

EEN JURIDISCH-DOGMATISCH PERSPECTIEF 83 sel van centrale – in hoofdstuk 4 afzonderlijk te bespreken – beleidsnota’s is de focus gericht op een meer

Seite 642

HOOFDSTUK 2 84 1999 nog verdere uitvoering aan gegeven, onder meer door de deels extramurale mo-daliteit van het penitentiair programma. Bovendien bet

Seite 643

EEN JURIDISCH-DOGMATISCH PERSPECTIEF 85 dat verband gewezen op het gevaar van de self-fulfilling prophecy die daarvan uitgaat, alsook op het gevaar

Kommentare zu diesen Handbüchern

Keine Kommentare